NL EN
DONEER NU!






-

Nationaal beleid

Op deze themapagina kunt u meer vinden over het nationale alcoholbeleid.

Doelen, doelgroepen en beleidsinstrumenten

De overheid zet zich in voor het tegengaan van schadelijk alcoholgebruik in onze samenleving. Het doel hiervan is dat:
- jongeren niet voor hun 18e jaar beginnen met drinken;
- mensen ouder dan 18 jaar verantwoord drinken;
- minder mensen geestelijk of lichamelijk afhankelijk worden van alcohol;
- de gevolgen van alcoholmisbruik worden teruggedrongen (zoals overlast op straat of agressie in de gezinssituatie of verkeersongelukken).

Zes soorten beleidsinstrumenten worden ingezet:
1. Alcoholwet
2. Regulering van de alcoholreclame en -marketing
3. Straffen voor rijden onder invloed
4. Accijns- en BTW-heffing
5. Educatie en bewustwording
6. Behandeling

Een belangrijk uitgangspunt van het Nederlandse alcoholbeleid is, dat slechts een evenwichtig en samenhangend pakket van maatregelen als doeltreffend wordt gezien.

Nationale beleidsdocumenten

In 1986 verscheen het eerste samenhangende beleidsdocument, getiteld Alcohol en Samenleving. In 2002 verscheen de tweede grote alcoholnota, simpelweg getiteld Alcoholnota.
Een ander belangrijk alcoholbeleidsdocument was de zogenaamde Hoofdlijnenbrief van de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en voor Jeugd en Gezin. Het document verscheen in november 2007 en werd in de Tweede Kamer besproken in december 2007.
In december 2016 heeft de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een brief met de Evaluatie van de Drank- en Horecawet naar de Tweede Kamer gezonden. In deze brief wordt niet alleen ingegaan op de drankwetgeving, maar ook op andere alcoholbeleidsinstrumenten (zoals accijns) en kan daarom ook wel worden gezien als een alcoholbeleidsdocument. De bespreking van het document in de Tweede Kamer was in februari 2017.

Op 23 november 2018 is het Nationaal Preventieakkoord gelanceerd. Hierin staan de afspraken die het kabinet heeft gemaakt met het bedrijfsleven, de zorg en de preventieorganisaties over het terugdringen van roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. De 70 ondertekenaars willen onder meer bereiken dat in 2040:
1. Zwangeren geen alcohol drinken.
2. Onder de 18 jaar geen alcohol wordt gebruikt.
3. Minder overmatig en zwaar alcohol wordt gebruikt.
4. De bewustwording van het eigen drinkgedrag en de effecten daarvan is toegenomen.

Alcoholmanifest en AAN

Eind 2016 hebben een aantal gezondheidsorganisaties met het oog op de evaluatie van de Drank- en Horecawet een Alcoholmanifest opgesteld. Het document bevat een aantal adviezen aan de landelijke overheid en de gemeenten om te komen tot een effectiever alcoholbeleid. De kern van deze adviezen is: geef prioriteit aan de 3 Best Buys, dat zijn beleidsmaatregelen die - internationaal erkend - betaalbaar, uitvoerbaar en kosteneffectief zijn, te weten: een verhoging van de prijs van alcohol, een beperking van het aantal verkooppunten en een verbod op alcoholreclame. Ter ondersteuning en uitwerking van deze drie maatregelen worden in het Alcoholmanifest nog 7 aanvullende adviezen gegeven.

Enkele van deze organisaties werken sinds 1 januari 2020 samen als AAN: Alliantie Alcoholbeleid Nederland om ook in de toekomst op gezette tijden een gezamenlijk geluid te kunnen laten horen. De eerste AAN-activiteit was de organisatie van de Alcohol-actieweek 'Zien drinken, doet drinken' in de eerste week van november 2020. Deze zal in 2021 worden herhaald.

De leden van AAN zijn:
- Cliëntenorganisatie Het Zwarte Gat,
- Nederlands Instituut voor Alcoholbeleid STAP,
- Nederlandse Vereniging voor Drankwet Inspecteurs,
- Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie,
- maandblad LEF,
- Stichting Foetaal Alcohol Syndroom Nederland,
- Stichting Jongeren en Gezondheid,
- Stichting Positieve Leefstijl (IkPas project),
- Stichting Us Blau Hiem
- Vereniging voor Verslavingsgeneeskunde
- Verslavingskunde Nederland.

Ook kent AAN een aantal leden op persoonlijke titel.

Alcohol en Samenleving (14,4 MB)

Alcoholnota (195 kB)

Hoofdlijnenbrief alcoholbeleid (69,2 kB)

Evaluatie Drank- en Horecawet (376 kB)

Alcoholmanifest PDF (0,96 MB)

Nationaal Preventieakkoord (528 kB)

-

1. Alcoholwet

Algemene uitgangspunten Alcoholwet

Op 1 juli 2021 is de Alcoholwet grotendeels in werking getreden. De Alcoholwet is de nieuwe naam van de Drank- en Horecawet uit 1964 (in werking getreden in 1967 en sindsdien enkele malen grondig gewijzigd). De Alcoholwet is een formele wet die de verkoop van alcoholhoudende dranken reguleert. Het Alcoholbesluit en de Alcoholregeling bevatten nadere uitvoeringsregels. De wet en de lagere regelgeving vallen onder de verantwoordelijkheid van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Detailhandelsverkoop van zwak-alcoholhoudende dranken (gedistilleerde drank met minder dan 15% alcohol, wijn en bier) mag alleen in levensmiddelenwinkels en slijterijen. De verkoop van sterke drank (gedistilleerde drank met een alcoholgehalte van 15% of meer) mag alleen in slijterijen.

Alcoholhoudende dranken mogen niet vanuit een raam of kiosk en d.m.v. automaten worden verkocht. Verkoop langs de autosnelweg en bij benzinestations is niet toegestaan. Een detailhandelaar mag geen tijdelijke kortingen van meer dan 25% geven op de prijs die hij normaal vraagt. Ook mag hij niet de indruk wekken dat hij meer dan 25% goedkoper is dan anderen.

Verkoop van alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse is alleen toegestaan in horecabedrijven. Winkeliers en dienstverleners (kappers, wassalons, schoonheidsspecialisten etc.) mogen dus geen alcohol schenken.

De Alcoholwet regelt ook de verkoop op afstand van alcoholhoudende dranken, althans voor zover het gaat om in Nederland gevestigde bedrijven. We hebben het in de praktijk met name over online of via de telefoon bestelde zwak-alcoholhoudende dranken bij levensmiddelenwinkels, slijters, webshops, bierkoeriers en bezorgrestaurants. Al deze bedrijven mogen zwak-alcoholhoudende drank afleveren of laten afleveren aan huizen van particulieren of aan distributiepunten. Afleveren op openbare plekken, zoals parken, is niet toegestaan. Er is geen vergunning voor nodig. De aflevering vanuit webshops, bierkoeriers en bezorgrestaurants dient wèl te geschieden vanuit een niet-openbare besloten bedrijfsruimte.

Alleen de slijter mét een vergunning mag sterke drank aanbieden via de website van de slijterij en online of via de telefoon bestellingen voor sterke drank aannemen en bij particulieren of distributiepunten (laten) bezorgen.

De verkoper op afstand is van bestelling tot en met bezorging verantwoordelijk voor de naleving van de Alcoholwet. Hij moet zorgen voor naleving van de regels m.b.t. leeftijdsgrenzen (later meer daarover) en voor een geborgde wijze van afleveren.

Vergunningstelsel

Horecabedrijven en slijterijen hebben een vergunning nodig om alcohol te verstrekken. Die krijgen ze als ze aan bepaalde vergunningsvoorwaarden voldoen.

Ten eerste worden eisen gesteld aan de leidinggevenden. Dat zijn de ondernemers, de bedrijfsleiders en – althans voorlopig nog - de beheerders van horecabedrijven en slijterijen. Zij mogen de laatste vijf jaar geen ernstige misdaden hebben begaan of meermalen veroordeeld zijn voor minder ernstige misdrijven, bijvoorbeeld rijden onder invloed. Bovendien moeten zij in het bezit bent van een Diploma Sociale Hygiëne (vroeger Verklaring Sociale Hygiëne genoemd), meestal na het volgen van de cursus Sociale Hygiëne. Daarin wordt aandacht besteed aan veilig en verantwoord verstrekken. Leidinggevenden moeten ten minste 21 jaar oud zijn. De namen van alle leidinggevenden komen op de bijlage bij de vergunning.

Ten tweede worden eisen gesteld aan de horecagelegenheid en de slijterij (het pand). Een horecagelegenheid of slijterij kan alleen gevestigd worden in een gebouw of onderdeel zijn van een ander gebouw. Slijtlokaliteiten en horecalokaliteiten moeten besloten zijn, wat inhoudt dat ze rondom scheidingsconstructies hebben. De minimumoppervlakte van één slijtlokaliteit is 15 m², één horecalokaliteit is 35 m² of meer. Slijtlokaliteiten mogen niet in directe verbinding staan met een andere winkel. Er moet een sluisje zijn tussen beide winkels. Deze eisen zijn aanvullend op de eisen van het Bouwbesluit 2012 en – in de toekomst - het Besluit bouwwerken leefomgeving.

In het Bouwbesluit 2012 is bijvoorbeeld geregeld dat de plafondhoogte 2,10 meter moet zijn bij bestaande bouw en 2,60 meter bij nieuwbouw. Verder moeten er 2 toiletten zijn, beide voorzien van een deur. Kleine horecagelegenheden met weinig bezoekers kunnen volstaan met 1 toilet, grote horecagelegenheden moeten een invalidentoilet hebben. Ook wat betreft ventilatie gelden sinds 1 juli 2021 de regels uit het Bouwbesluit 2012.

De Alcoholwet kent diverse regels om vermenging van functies tegen te gaan. Dit ter bescherming van (jonge) consumenten en probleemdrinkers. Het is niet toegestaan om een horecalokaliteit tevens te gebruiken als slijtlokaliteit of er detailhandelsactiviteiten te verrichten. Dat mag wel in andere delen van het horecapand, als die winkelruimte maar bereikbaar is zonder langs plekken te hoeven waar drank wordt gedronken, geschonken of opgeslagen.

In slijtlokaliteiten mag alleen drank en aan drank gelieerde artikelen verkocht worden. Het laten proeven van drank aan klanten is onder bepaalde voorwaarden toegestaan. Ook kan een gemeente bepalen dat het houden van betaalde proeverijen en cursussen is toegestaan ná de reguliere winkeltijden. Ook daarvoor gelden beperkende regels, zoals maximaal 3 proeverijen/cursussen per week. Dat laatste is geregeld in het Alcoholbesluit.

Barkeepers en slijters mogen niet de aanwezigheid toelaten van dronken personen en of personen die onder invloed zijn en mogen zelf tijdens het werk ook niet dronken of onder invloed zijn.

Leeftijdsgrenzen

Tabel: Historie leeftijdsgrenzen verstrekking alcoholhoudende dranken

Jaar Zwak-alcoholhoudende dranken Sterke drank
1886 - 16 jaar (Wetboek van Strafrecht 1881)
1932 16 jaar (Drankwet 1931) 16 jaar (Wetboek van Strafrecht 1881)
1967 16 jaar (Drank- en Horecawet 1964) 18 jaar (Drank- en Horecawet 1964)
2014 18 jaar (Drank- en Horecawet 2014) 18 jaar (Drank- en Horecawet 2014)
2021 18 jaar (Alcoholwet 2021) 18 jaar (Alcoholwet 2021)

-

Sinds 1 januari 2014 is er één leeftijdsgrens van 18 jaar waarop jongeren alcoholhoudende drank verstrekt mogen krijgen, zowel in de horeca als in de detailhandel als tijdens evenementen, zowel in het geval van directe, als in het geval van indirecte verstrekking. De verstrekker heeft de wettelijke plicht de leeftijd van degene aan wie verstrekt wordt vooraf vast te stellen (controle identiteitsbewijs).

Er is sprake van indirecte verstrekking aan een jongere als een verstrekker aan een volwassene drank verstrekt terwijl het overduidelijk is dat die drank onmiddellijk ter plekke doorgegeven gaat worden aan iemand die niet overduidelijk 18 jaar of ouder is.

Met de nieuwe Alcoholwet is de volwassene die aan een jongere doorgeeft ook strafbaar, zelfs als het een ouder is. Dit wordt wederverstrekking genoemd. Er staat een boete van de eerste categorie op. De hoogte is – exclusief administratiekosten - € 100,-.

Een andere aanpassing sinds de nieuwe Alcoholwet is dat bij alcoholverkoop online en via de telefoon óók bij het opgeven van de bestelling de leeftijd van de koper moet worden geverifieerd (dubbele controle dus). De verkoper moet de leeftijd van de koper navragen en de koper moet voor afronding van het aankoopproces zijn of haar leeftijd aanvinken of een andere actieve handeling verrichten. In de toekomst worden in het Alcoholbesluit leeftijdsverificatiesystemen aangewezen die dan verplicht gebruikt moeten worden.

Supermarkten, slijterijen, hotels, restaurants en cafés die alcoholhoudende drank verkopen zonder te controleren of de klant ouder is dan 18, riskeren een boete van minimaal € 1.360,-. Als slijterijen, hotels, restaurants of cafés alcohol verkopen aan jongeren zonder hun leeftijd te controleren, kan de burgemeester hun vergunning schorsen en intrekken. Als een supermarkt drie keer per jaar alcohol aan jongeren verkoopt zonder hun leeftijd te controleren, kan de burgemeester de onderneming tijdelijk verbieden alcohol te verkopen (maximaal 12 weken). Online verkopers kunnen bij niet-naleven van de regels van de minister een tijdelijk verkoopverbod opgelegd krijgen.

Tabel: Historie leeftijdsgrenzen alcoholverbod op voor publieke toegankelijke plaatsen

Jaar Zwak-alcoholhoudende dranken Sterke drank
2013 12-16 jaar (Drank- en Horecawet 2013) 12-16 jaar (Drank- en Horecawet 2013)
2014 12-18 jaar (Drank- en Horecawet 2014) 12-18 jaar (Drank- en Horecawet 2014)
2021 12-18 jaar (Alcoholwet 2021) 12-18 jaar (Alcoholwet 2021)

-

In 2013 heeft de wetgever ook een landelijk verbod geïntroduceerd gericht op jongeren. Zij mogen geen alcohol aanwezig of voor consumptie gereed hebben op voor het publiek toegankelijke plaatsen. Het gaat dan om plaatsen van bestemming tot algemene toegankelijkheid, zoals de openbare weg, plantsoenen, parken, portieken, trappen, overdekte winkelcentra, festival- en evenemententerreinen, sportvelden, stations, stadions, campings (m.u.v. de tenten van de gasten), horecagelegenheden etc. Het aanwezig of voor consumptie gereed hebben van drank thuis/in de privésfeer of op niet voor publiek toegankelijke plaatsen, in het personenvervoer, op legerplaatsen en vliegvelden (na de douane), levensmiddelenwinkels en slijterijen was jongeren wèl toegestaan.

In 2013 gold dit verbod voor jongeren van 12 tot 16 jaar, met ingang van 2014 is dat uitgebreid: vanaf dat tijdstip geldt het voor jongeren van 12 tot 18 jaar. Sinds de inwerkingtreding van de Alcoholwet per 1 juli 2021 zijn enkele uitzonderingen op het verbod komen te vervallen. Ook in het personenvervoer, op legerplaatsen en vliegvelden (na de douane) mogen jongeren van 12 tot 18 jaar geen alcoholhoudende dranken meer aanwezig of voor consumptie gereed hebben.

Van het verbod alcohol aanwezig of voor consumptie gereed te hebben op voor publiek toegankelijke plaatsen zijn enkele groepen uitgezonderd: jongeren die in een horecazaak of een (sport)kantine werken of stage in een horeca- of slijtersbedrijf lopen mogen wèl alcohol aanwezig hebben, serveren en schenken (zichzelf een drankje inschenken mag echter weer niet). Ook 16- en 17-jarige testkopers zijn tijdens handhavingsacties niet strafbaar.

Gemeentelijke toezichthouders Alcoholwet, boa's domeinen I en II en politieagenten handhaven het verbod. De boete voor overtreding is momenteel € 50,- voor jongeren onder de 16 jaar en € 100,- voor jongeren van 16 en 17 jaar (exclusief administratiekosten). De boete wordt niet geregistreerd in de justitiële documentatie. Daarom heeft overtreding van dit verbod later geen gevolgen voor het krijgen van een Verklaring omtrent het Gedrag.

Jongeren die deze bepaling van de Alcoholwet overtreden kunnen - indien de Officier van Justitie dat goed vindt - naar Halt worden verwezen, waar ze dan deelnemen aan de Halt-straf Alcohol. Deze zogenaamde alternatieve straf is recent – na een evaluatie - aangepast. Verwijzing naar Halt na overtreding van de Alcoholwet is toegestaan op grond van de brief van het College van Procureur-Generaals van 14 januari 2014. De verwijzing naar Halt geschiedt door de politie of door een boa. Dat laatste kan alleen als de betreffende boa daartoe - op verzoek van een gemeente - is aangewezen door de Officier van Justitie. Voordat boa’s naar Halt kunnen verwijzen, moet een recidivecheck in het registratiesysteem van de politie worden uitgevoerd. Boa’s hebben geen toegang tot dit systeem. Dit betekent dat de gemeente (als opdrachtgever van de boa) afspraken met de politie moet maken over het uitvoeren van de recidivecheck en het registeren van Haltverwijzingen en de afloop van de Halt-afdoening.

NIX18

De ophoging van de leeftijdsgrenzen in 2014 was het gevolg van een initiatief van enkele Kamerleden (Joël Voordewind, Kees van der Staaij, Lea Bouwmeester en Sabine Uitslag). Zij hebben in juli 2012 een initiatiefwetsvoorstel daartoe aanhangig gemaakt. De Tweede Kamer heeft in 5 maart 2013 met deze wijziging ingestemd, de Eerste Kamer op 18 juni 2013. Inmiddels was overigens Sabine Uitslag opgevolgd door Hanke Bruins Slot en Lea Bouwmeester door Myrthe Hilkens. Het hele traject van dit wetsvoorstel is beschreven in het artikel 'Historie verhoging alcoholleeftijd naar 18 jaar' (zie hieronder bij 'Historische overzichten').

Al tijdens het wetstraject is besloten de nieuwe alcoholleeftijd per 1 januari 2014 van start te laten gaan. Dit vooral omdat vanaf dat tijdstip ook de nieuwe tabaksleeftijd van 18 jaar van toepassing zou worden. Om aan de nieuwe leeftijdsgrenzen bekendheid te geven is het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op 18 november 2013 een meerjarige (massamediale) campagne gestart met als doel het versterken van de sociale norm dat het normaal is dat je voor je 18de niet drinkt of rookt. Deze campagne, die oorspronkelijk maar vijf jaar zou duren, is eind 2018 verlengd. Het gaat om een campagne met diverse partijen. De slogan van de campagne is NIX18.

Begin december 2013 startte VWS daarnaast een campagne om jongeren en hun omgeving (ouders, verkopers, barmedewerkers in sportkantines, etc.) te informeren over de nieuwe alcohol verkoopgrens van 18 jaar en het feit dat jongeren onder de 18 jaar zelf strafbaar zijn als ze op voor het publiek toegankelijke plaatsen (op enkele specifiek in de wet genoemde uitzonderingen na) alcohol aanwezig hebben. Deze communicatie had geen massamediale component, maar bestond uit folders die in supermarkten werden uitgedeeld evenals berichtgeving in huis-aan-huis bladen.

Bij het Trimbos-instituut kunt u stickers met het logo NIX18 bestellen voor €0,12 incl. btw per stuk, exclusief verzendkosten https://www.trimbos.nl/producten-en-diensten/webwinkel/product/acm046-deursticker-nix18

Bij het Trimbos-instituut is ook een zogenaamde Leeftijdschecker van NIX verkrijgbaar. Hierop is eenvoudig de datum af te lezen die minimaal nodig is voor verkoop van alcohol en/of tabak. https://www.trimbos.nl/aanbod/webwinkel/product/acm053-leeftijdschecker-van-nix

De sticker met de boodschap ‘wij verkopen geen alcohol < 18’ is te bestellen bij Koninklijke Horeca Nederland als u daar lid van bent. Adres: https://www.khn.nl/website/formulieren/bestelformulier-18-leeftijdgrensmaterialen

Horeca Stichting Nederland verspreidt dubbelzijdige leeftijdsstickers. Die zijn door horecabedrijven per maximaal 5 te bestellen op: https://hsn-horeca.nl/klantenservice/leeftijdsticker
Wilt u méér stickers bestellen, neem dan contact op met de afdeling Klantenservice: 076-5233666.

Handhaving alcoholverstrekking

Als een onderneming of ondernemer de verbodsbepalingen van de Alcoholwet overtreedt kan er vervolging plaatsvinden op grond van de Wet op de economische delicten. Dat gebeurt bij ernstige overtredingen en bij overtreding van artikel 20, vierde en vijfde lid, en artikel 21 van de Alcoholwet. De opsporing van laatst genoemde overtredingen, die niet bestuurlijk beboetbaar zijn, mòet, aldus jurisprudentie, geschieden door de politie (agenten hebben algemene opsporingsbevoegdheid) of door de gemeentelijke bijzondere opsporingsambtenaren (boa’s) in het kader van hun opsporingsbevoegdheid o.g.v. de Wet economische delicten.

Veel vaker echter zal bij overtreding van de Alcoholwet een bestuurlijke boete worden opgelegd. Zowel de burgemeester als de minister kunnen zo’n bestuurlijke boete opleggen. De hoogte van de boete ligt vast in een bijlage bij het Alcoholbesluit. De opbrengst van de boetes die de burgemeester oplegt komt in de gemeentekas, de opbrengst van de boetes die de minister oplegt in de schatkist.

De controles in opdracht van de burgemeester worden uitgevoerd door gemeentelijke boa’s, die in opdracht van de minister door inspecteurs van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA). De NVWA-ambtenaren hebben enkele landelijke taken. Zij houden toezicht in het personenvervoer, op legerplaatsen en op vliegvelden (na de douane) en op de alcoholverkoop in de ambulante handel. Ook handhaven zij de regels rond online alcoholbestellingen en het verbod op exorbitante prijsacties in de detailhandel. De NVWA heeft daartoe een Specifiek Interventiebeleid Alcoholwet vastgesteld (zie hieronder).

De Alcoholwet staat toe dat toezichthouders bij hun werk 16- en 17-jarige testkopers inzetten.

Er zijn méér sancties mogelijk dan geldstraffen. Zo kan (of soms zelfs móet) de burgemeester een overtreder tijdelijk of permanent zijn vergunning intrekken, kan hij bezoekers verwijderen uit illegale horecagelegenheden en de horeca-inrichting sluiten (op grond van de Gemeentewet). Ook een dwangsom opleggen en bestuursdwang toepassen zijn op grond van die wet mogelijk. Een levensmiddelenwinkel of een webshop die de leeftijdsgrenzen driemaal in één jaar overtreedt, kan door de burgemeester respectievelijk de minister tijdelijk het recht ontnomen worden om alcohol te verkopen.

Totstandkoming Alcoholwet

Maart 2019 maakte staatssecretaris Paul Blokhuis bekend dat hij de Drank- en Horecawet wil aanpassen. Dit in verband met de evaluatie van de Drank- en Horecawet en het Nationaal Preventieakkoord. Via een internetconsultatie werden de wijzigingsvoorstellen voorgelegd aan belanghebbenden: bedrijfsleven, gemeenten, gezondheidsorganisaties, burgers.

Uit de Evaluatie van de Drank- en Horecawet, nog uitgevoerd in opdracht van de voorganger van Blokhuis, staatssecretaris Martin van Rijn, was gebleken dat sinds de wijzigingen van de Drank- en Horecawet in 2013 en 2014 zowel jongeren als volwassenen minder vaak zijn gaan drinken, maar als ze drinken, ze veel drinken. Om dit een halt toe te roepen zou volgens Van Rijn kritisch gekeken moeten worden naar de regels rond verstrekking van alcohol, zoals bijvoorbeeld de opleidingseisen van verstrekkers. Uit de evaluatie bleek verder dat diverse partijen het wenselijk vonden de eisen die aan horecapanden en slijterijen worden gesteld (de zogenaamde inrichtingseisen) deels te schrappen. Ook werd aanbevolen de mogelijkheden te verkennen om het toezicht op de verkoop van alcohol via internet, evenals het verbod op exorbitante prijsacties, te centraliseren.

Blokhuis heeft de aanbevelingen uit de Evaluatie deels overgenomen. Zo stelde hij centraal toezicht voor op online alcoholbestellingen en prijsacties en introduceerde hij een landelijke commissie die belast is met de opleiding Sociale Hygiëne. Op één punt ging Blokhuis verder dan in het rapport Evaluatie inrichtingseisen Drank- en Horecawet werd aanbevolen: hij schrapte de verplichting dat een horecalokaal minimaal 35 m² moet zijn.

De tweede reden die Blokhuis in 2019 noemde om met een wetswijziging te komen was het Nationaal Preventieakkoord. In dat akkoord, dat op 21 november 2018 gesloten werd met meer dan 70 maatschappelijke organisaties, worden de volgende drie wijzigingen van de Drank- en Horecawet genoemd:
1. strafbaarstelling wederverstrekking,
2. nadere eisen aan de online verkoop van alcohol, en
3. inzet van minderjarige testkopers bij handhavingsacties.

Deze drie wijzigingen heeft Blokhuis in zijn consultatieversie opgenomen. Daaraan voegde hij toe het verbod op prijsacties in de detailhandel met meer dan 25% korting. Daarover was in het kader van het Nationaal Preventieakkoord wel gesproken, maar niet onderhandeld, met als argument "marktpartijen niet in mededingingsrechtelijke verlegenheid te brengen". Verder stelde Blokhuis voor de naam van de Drank- en Horecawet te wijzigen in Alcoholwet. Zijn argument was dat de naam Drank- en Horecawet in de praktijk namelijk nogal eens tot verwarring leidt. Wat is precies drank? En: de wet gaat toch over meer dan alleen horeca?

De gezondheidsorganisaties, waaronder het Nederlands Instituut voor Alcoholbeleid STAP, hebben in de consultatiefase aangegeven bezwaar te hebben tegen het voorstel de vloeroppervlakte-eis van horecalokaliteiten te schrappen. Géén vloeroppervlakte-eis in de wet of in lagere regelgeving zou betekenen dat er méér mini-horecalokalen komen, wat zou leiden tot een toename van de beschikbaarheid van alcohol. Bekend is dat een toename van de beschikbaarheid leidt tot extra consumptie en dus meer alcoholproblemen, wat natuurlijk onwenselijk is.

Medio november 2019 komt Blokhuis met het definitieve voorstel. Dat voorstel week op enkele punten af van de consultatieversie. Zo stelde Blokhuis nu voor gemeenten de mogelijkheid te bieden slijters toe te staan buiten winkeltijden cursussen en proeverijen te organiseren en werd het voor minderjarigen geldende toegangsverbod tot slijterijen opgeheven. Hij kwam dus met extra voorstellen die niet tegemoet kwamen aan de wensen van de gezondheidsorganisaties, maar aan die van de slijtersbranche en de Vereniging Nederlandse Gemeenten.

STAP, maar ook Verslavingskunde Nederland, hebben vervolgens een lobby-traject ingezet om deze nieuwe voorstellen, die in strijd zijn met de doelstellingen van het Nationaal Preventieakkoord, van tafel te krijgen, naast hun lobby tegen het schrappen van de vloeroppervlakte-eis. Dat voorstel had Blokhuis immers nog steeds niet laten varen.

In juni 2020 meldt Blokhuis dat hij zijn wetsvoorstel op één punt wil wijzigen. Hij komt met een nota van wijziging met een uitbreiding van het voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar geldende verbod om alcohol aanwezig of voor consumptie gereed te hebben op voor publiek toegankelijke plaatsen. Dat verbod moet ook gaan gelden in het personenvervoer en op legerplaatsen en vliegvelden (achter de douane).

Uiteindelijk wordt het gewijzigde voorstel op 16 november 2020 tijdens een wetgevingsoverleg met de Vaste Commissie Volksgezondheid van de Tweede Kamer besproken. Op 1 december 2020 aanvaardt de Tweede Kamer het voorstel met algemene stemmen.
Wel brengt de Tweede Kamer middels amendementen nog enkele belangrijke wijzigingen aan. Als gevolg van een amendement van het Kamerlid Henk van Gerven komt de vloeroppervlakte-eis van horecalokaliteiten (èn die van slijtlokaliteiten) weer terug in de alcoholwetgeving. Daar zijn de gezondheidsorganisaties, zoals STAP, erg blij mee. Ook vindt STAP het positief dat middels amendement wordt bepaald dat gemeenten extra handvatten krijgen om iets aan de lokale alcoholproblematiek te doen. Zo kunnen ze alcoholoverlastgebieden aanwijzen en extra regels stellen aan de verstrekking op partyboten en bierfietsen.

STAP betreurt het echter dat de Tweede Kamer instemt met het amendement Bolkestein waardoor op termijn in de Alcoholwet komt te staan dat niet alle beheerders meer gescreend hoeven te worden. Welke beheerders dat precies zal gaan betreffen, is onderwerp van nader onderzoek.

Na het akkoord van de Tweede Kamer is het aangepaste wetsvoorstel naar de Eerste Kamer gegaan. Daar is het op 15 december 2020 als hamerstuk afgedaan. In 2021 heeft Blokhuis nog aanvullende lagere regelgeving gemaakt. Het gaat om het Alcoholbesluit, een algemene maatregel van bestuur, en de Alcoholregeling, een zogenaamde ministeriële regeling. Daarin staan tal van uitvoeringsregels.

In een apart document (zie hieronder bij ‘Overige documenten’) is een overzicht te vinden van de belangrijkste aanpassingen in de alcoholregelgeving, naast wijziging van de naam van de wet. De meeste aanpassingen zijn 1 juli 2021 ingegaan, drie aanpassingen volgen later.

Nieuwe wijziging om mengformules mogelijk te maken?

In juni 2018 heeft het toenmalige VVD-kamerlid Erik Ziengs een initiatiefwetsvoorstel aanhangig gemaakt dat strekt tot versoepeling van de regels voor verkoop en schenken van alcohol. Deze Wet Regulering Mengformules maakt samenvoeging van verkoopformules (dus blurring) mogelijk. Een meerderheid van de Tweede Kamerfracties reageerde positief. In juni 2020 heeft Ziengs zijn wetsvoorstel naar aanleiding van een advies van de Raad van State geheel gewijzigd en weer aan de Tweede Kamer aangeboden. Die is toen voortvarend met de schriftelijke voorbereiding van het wetsvoorstel gestart, maar het proces is na twee maanden weer stilgevallen.

Een half jaar later, tijdens de parlementaire behandeling van de Alcoholwet in december 2020, leek er niet veel politieke steun meer voor het wetsvoorstel van Ziengs. Slechts drie Tweede Kamerfracties - PVV, Forum voor Democratie en Denk - steunden het amendement van Jansen en Agema (35337, nr. 29) dat mengformules toestaat. Toch heeft Thierry Aartsen in april 2021 na het vertrek van Ziengs uit de Tweede Kamer besloten de verdediging van het Wetsvoorstel Regulering Mengformules over te nemen. Overigens is het niet ongebruikelijk dat een fractiegenoot in de Tweede Kamer een initiatiefwet na vertrek van een Kamerlid overneemt.

In het wetsvoorstel wordt het mogelijk gemaakt dat horecaexploitanten en slijters aan de gemeente vragen of hun vergunning kan worden verruimd, zodat zij ook 'nevenactiviteiten' kunnen verrichten. Een nevenactiviteit voor een horecabedrijf kan zijn de verkoop van schilderijen die aan de wanden van de horecalokaliteit hangen, van serviesgoed of van de huiswijnen. Een nevenactiviteit van een slijterij kan zijn nootjes- en kaasverkoop of een zitje waar espresso met likeur wordt geserveerd.

Verder worden er twee nieuwe categorieën alcoholverstrekkers geïntroduceerd: het gemengd kleinhandelsbedrijf en het gemengd ambachtsbedrijf. Het gaat dan om winkeliers en dienstverleners die - ook met een gemeentelijke vergunning – als nevenactiviteit zwak-alcoholhoudende dranken mogen verkopen en schenken. Denk aan kleding- en boekenwinkels, kappers, barbiers, massagesalons, fietsherstellers, wasserettes, hakkenbars etc. Supermarkten kunnen dan proeverijen in de winkel organiseren of zelfs wijn- of bierproefbars inrichten.

Of en zo ja hoe Aartsen deze voorstellen uit de initiatiefwet van Ziengs gaat aanpassen is niet bekend. Wel zal hij de teksten van het wetsvoorstel op diverse punten moeten wijzigen, omdat de Drank- en Horecawet is gewijzigd en inmiddels Alcoholwet wordt genoemd.

Niet geregeld in de Alcoholwet

Identificatieleeftijd
In de Alcoholwet is géén identificatieleeftijd opgenomen. Wel hebben de supermarkten (verenigd in het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel) en een deel van de horeca (verenigd in Koninklijke Horeca Nederland) besloten dat in hun winkels/horecagelegenheden een identificatieleeftijd voor alcohol en tabak van 25 jaar wordt aangehouden. In de praktijk houdt dat in dat caissières van supermarkten en barpersoneel van KHN-horecabedrijven, klanten die zij er jonger vinden uitzien dan 25 jaar naar hun ID zullen vragen. Deze supermarkten en horecabedrijven verlangen van hun klanten onder de 25 jaar ook dat zij spontaan hun ID tonen.
Inmiddels is duidelijk dat de identificatieleeftijd van 25 jaar ook door sommige sportkantines wordt gehanteerd.

Vestiging van alcoholvrije horeca
Het vergunningstelsel van de Alcoholwet en de andere regels van deze wet hebben géén betrekking op de vestiging van alcoholvrije horecabedrijven. Een Alcoholwetvergunning is alleen nodig als men alcoholhoudende dranken (meer dan 0,5% alcohol) wil gaan verstrekken.

Besloten privé-bijeenkomsten
De Alcoholwet is ook niet van toepassing als het gaat om alcoholverstrekking op een privébijeenkomst die besloten is. Daarvan is sprake als de organisator een niet-commerciële band heeft met de gasten die hij heeft uitgenodigd. Bovendien moeten de gasten de drank geheel gratis krijgen en de betreffende locatie slechts incidenteel worden gebruikt voor feesten en bijeenkomsten.

Horecaopeningstijden
In de Alcoholwet zijn geen regels opgenomen m.b.t. horecaopeningstijden. Het vaststellen van dergelijke tijden is een bevoegdheid van de gemeenten o.g.v. de Gemeentewet. De Alcoholwet regelt wel de (alcohol)schenktijden in de paracommerciële horeca. Althans, de Alcoholwet verplicht gemeenten om de schenktijden in een verordening vast te leggen. Hoe gemeenten dat doen moeten ze zelf weten. Een gemeenten mag zelfs in die verordening vrije schenktijden vastleggen.

Bepalingen m.b.t. productie, invoer en uitvoer
De Alcoholwet kent geen nationale wettelijke bepalingen m.b.t. de productie, de invoer of de uitvoer van alcoholhoudende dranken. Dat wil niet zeggen dat er niets op dit punt geregeld is, in tegendeel. Naast de algemene wetgeving over levensmiddelen, is er ook specifieke Nederlandse én Europese productregelgeving die relevant is voor producenten van alcoholhoudende dranken. Zo kennen we het Warenwetbesluit gereserveerde aanduidingen, de Regeling wijn en olijfolie, de Verordening Gearomatiseerde Wijn (251/2014) en de Verordening Gedistilleerde Dranken (787/2019).

Verder is in de accijnsregelgeving opgenomen dat consumenten bier en wijn voor eigen gebruik mogen maken, maar dat voor het maken van bier en/of wijn voor de verkoop en voor het hebben van een distilleerketel een Vergunning vervaardiging in een accijnsgoederenplaats nodig is. Bedrijven die niet-veraccijnsde alcoholhoudende dranken willen opslaan hebben een Vergunning opslag in een accijnsgoederenplaats nodig.

Verplichte vermelding van productinformatie
Op het etiket van dranken met meer dan 1,2% alcohol moet sinds 1993 het alcoholgehalte vermeld worden. Vermelding van allergenen is sinds 2005 verplicht. Deze voorschriften zijn ook weer niet geregeld in de Alcoholwet, maar in geharmoniseerde regelgeving van de Europese Unie en wel sinds 13 december 2014 in de Europese Verordening verstrekking van voedselinformatie aan consumenten (1169/2011).
In deze verordening is een uitzondering opgenomen voor alcoholhoudende dranken met meer dan 1,2% alcohol: daarop hoeven de ingrediënten noch de voedingswaarde vermeld te worden. Als de voedingswaarde vrijwillig wordt weergegeven, mag ze beperkt worden tot de vermelding van de calorieën.

Al lang wordt er gesproken over deze uitzondering voor alcoholhoudende dranken. Maar tot op de dag van vandaag is die nog van toepassing.
De bierbrouwers hebben toegezegd zich voor wat betreft de vermelding van ingrediënten en voedingswaarde te gaan houden aan de voor alle andere dranken geldende regels die in de Verordening verstrekking van voedselinformatie aan consumenten (1169/2011) staan.
De gedistilleerdsector houdt zich aan haar eigen bepalingen in de Verordening Gedistilleerde Dranken (787/2019). Verder heeft deze sector toegezegd de calorische waarde op de verpakking te gaan zetten en informatie over de ingrediënten (inclusief vermelding van de gebruikte grondstoffen) online(!) beschikbaar te stellen.
De wijnsector dient zich bij etikettering te houden aan de regels uit de Gedelegeerde Verordening voor de Wijnsector (33/2019). Recent is deze sector met het voorstel gekomen om v.w.b. vermelding van ingrediënten en voedingswaarde, zich aan te sluiten bij de plannen van de gedistilleerd-sector. Ook de consument van wijn wordt dus - als het aan de producenten ligt - verwezen naar een website.
Eén van de voorstellen in het Europe's Beating Cancer Plan van de Europese Commissie is om vanaf 2022 vermelding van ingrediënten en voedingswaarde ook voor alcoholhoudende dranken te verplichten. De Commissie is duidelijk niet (meer) tevreden met de uitzondering voor alcoholhoudende dranken en de zelfreguleringsinitiatieven van de gedistilleerd- en wijnsector.

Waarschuwingslogo's
Nederland heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om aanvullende nationale etiketteringsregels te stellen, waarbij dan algemene of specifieke waarschuwingslogo's of -teksten verplicht worden gesteld. Uit een WHO-onderzoek is gebleken dat 13 Europese landen zo'n verplichting kennen, waaronder EU-lidstaten. Zo is het in Frankrijk verplicht om op verpakkingen van alcoholhoudende dranken een waarschuwing op te nemen omtrent alcoholgebruik tijdens de zwangerschap. De Nederlandse regering vond en vindt dat niet nodig omdat de Nederlandse alcoholbranche zich er voor heeft ingespannen dat 89% van de verpakkingen het "alcohol en zwangerschapslogo" heeft (stand 1 juli 2016). De Europese brouwers volgen dit initiatief en plaatsen inmiddels ook op vele bieren het zwangerschapslogo.
In het Europe's Beating Cancer Plan van de Europese Commissie is een van de voorstellen om in 2023 gezondheidsinformatie op alcoholhoudende dranken te verplichten.

-

Overzicht leeftijdsgrenzen alcoholverkoop in EU-lidstaten

Overzicht leeftijdsgrenzen alcohol in EU-lidstaten - januari 2018 (188 kB)

-

Historische overzichten

Historie wijziging Drank- en Horecawet 2013 (197 kB)

Historie verhoging alcoholleeftijd naar 18 jaar (97,2 kB)

Het beleid rond alcoholreclame en alcoholmarketing in Nederland: (124 kB)

-

Integrale wetteksten

Drank- en Horecawet zoals die luidde van 31-12-2017 t/m 30-06-2021 (186 kB)

Alcoholwet zoals die sinds 01-07-2021 luidt (185 kB)

-

Wetswijzingen

Wijziging Drank- en Horecawet i.v.m. Preventieakkoord en evaluatie van de wet (78,2 kB)

Wetsvoorstel Ziengs/Aartsen (393 kB)

-

Besluiten

Alcoholbesluit versie Staatsblad (152 kB)

Bouwbesluit - link hier.

-

Ministeriële regelingen

Regeling bewijsstukken sociale hygiëne Drank- en Horecawet 2015 (30,8 kB)

Alcoholregeling - versie Staatscourant (677 kB)

Bijlage bij Alcoholregeling (896 kB)

-

Overige documenten

Overzicht blurringregels Alcoholwet 1 juli 2021 (84,1 kB)

Belangrijkste wijzigingen alcoholregelgeving per 1 juli 2021 (115 kB)

Specifiek Interventiebeleid Alcoholwet (1,10 MB)

Evaluatie Drank- en Horecawet (376 kB)

Richtlijn en kader voor strafvordering jeugd en adolescenten, inclusief strafmaten Halt (1,64 MB)

Warenwetbesluit Gereserveerde Aanduidingen (versie 01-07-2017) (92,2 kB)

Regeling wijn en olijfolie vanaf 07-12-2019 (23,0 kB)

Verordening EU 251/2014 Gearomatiseerde wijn (776 kB)

Verordening EU 787/2019 gedistilleerde dranken (800 kB)

Verordening EU 1169/2011 verstrekking voedselinformatie aan consumenten (1,13 MB)

Gedelegeerde verordening EU 33/2019 voor de wijnsector (922 kB)

-

HIER is de directe link naar het speciale deel van onze website waar nadere informatie te vinden is over hetgeen STAP/Universiteit Twente gemeenten kunnen bieden, zoals mysteryshop onderzoek, doortap-onderzoek, alsmede beleidsadvisering.

-

2. Regulering van de alcoholreclame en -marketing

In Nederland zijn drie verschillende bronnen met regels staan over alcoholreclame en -marketing:

1. Alcoholwet
2. Nederlandse Reclame Code (en bijbehorende bijzondere codes)
3. Mediawet 2008

Alcoholwet

De Alcoholwet bevat een artikel dat de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de bevoegdheid geeft om in het Alcoholbesluit regels op te nemen m.b.t. alcoholreclame. Tot nu toe heeft hij van die mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

Nederlandse Reclame Code en bijzondere codes

De alcoholreclame in Nederland wordt voornamelijk gereguleerd middels zelfregulering door de drankindustrie. De regels zijn vastgelegd in de 2 bijzondere codes bij de Nederlandse Reclame Code.

De Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken wordt beheerd door de Stichting Verantwoorde Alcoholconsumptie (STIVA), een samenwerkingsverband van producenten en importeurs van bier, wijn en gedistilleerde dranken.
In de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken zijn de Europese regels opgenomen uit de Richtlijn Audiovisuele Mediadiensten. Nederland is het enige EU land dat deze regels niet heeft geïmplementeerd door opname in een formele wet, maar door opname in de zelfreguleringscode. STAP heeft hierover enkele jaren terug vragen gesteld aan de betrokken minister. Zijn antwoord was dat de Europese Commissie de implementatie "geschikt, voldoende en doeltreffend” vond om de doelen van de richtlijnbepaling te bereiken.

Verder is er sinds enige tijd een Reclamecode voor Alcoholvrij en -Arm bier.In deze code is o.a. vastgelegd dat reclame voor alcoholvrij en -arm bier niet gericht mag worden op jongeren onder de 18 jaar en dat reclame voor alcoholarm bier niet gericht mag worden op zwangere vrouwen en op actieve verkeersdeelname.

Mediawet

Nederland kent sinds 2009 een wettelijk verbod op alcoholreclame op televisie en radio van 06.00 uur tot 21.00 uur. Het verbod is opgenomen in de Mediawet 2008. Het verbiedt Nederlandse omroepen in het genoemde tijdvak spots voor alcoholhoudende dranken uit te zenden. De Mediawet en de bijbehorende beleidsregels bevatten ook enkele bepalingen over (alcohol)sponsoring en product placement. Op deze regelgeving wordt toegezien door het Commissariaat voor de Media.

Zie voor uitgebreidere informatie over alcoholmarketing de betreffende themapagina.

3. Straffen voor rijden onder invloed

De verkeersveiligheid is een verantwoordelijkheid van de minister van Infrastructuur en Waterstaat.

In Nederland is de wettelijke limiet voor bestuurders (van auto's, fietsen, brommers, motoren etc.) een bloedalcoholgehalte (BAG) van 0,5 pro mille of een ademalcoholgehalte (AAG) van 220 µg/l. Beginnende bestuurders (mensen die hun rijbewijs minder dan vijf jaar geleden hebben ontvangen) is het niet toegestaan om een BAG te hebben hoger dan 0,2 pro mille of een AAG van meer dan 88 µg/l. Dit BAG/AAG-niveau geldt ook voor mensen jonger dan 24 jaar.

Op 1 juli 2017 is een wijziging van de Wegenverkeerswet in werking getreden, waardoor voor bestuurders die zowel drugs als alcohol hebben gebruikt het lage BAG/AAG-niveau geldt, namelijk 0,2 pro mille, resp. 88 µg/l. Vanaf 2017 is het voor de politie ook mogelijk om naast de handhaving met voorlopige selectiemiddelen op alcoholgebruik in het verkeer ook met andere voorlopige selectiemiddelen (zoals de speekseltester en het onderzoek van de psychomotorische en oog- en spraakfuncties) op rijden onder invloed te controleren.

In Nederland is het toegestaan om verkeerscontroles te houden waarbij weggebruikers steekproefsgewijs worden gecontroleerd, ook zonder dat er op hen een verdenking rust.

Hoogte straffen

Rijden onder invloed is geen overtreding, maar een misdrijf. Door een wetswijziging per 1 januari 2008 zijn rijden onder invloed zaken onder de OM-afdoening gebracht, hetgeen inhoudt dat er een strafbeschikking wordt opgelegd die door het Centraal Justitieel Incasso Bureau wordt geïncasseerd. Het OM heeft de strafvordering bij rijden onder invloed vastgelegd in een Richtlijn (zie hieronder). De straf die het OM zal vorderen is afhankelijk van de hoeveelheid alcohol die gemeten is. Verder speelt mee of er sprake was van een verkeersongeval en zo ja, zijn er slachtoffers? Voor de strafmaat is ook van belang of betrokkene eerder met alcohol op in het verkeer gepakt is (recidive) en of er door de manier van rijden sprake was van in gevaar brengen van de verkeersveiligheid. De straffen variëren van een hoge geldboete tot - vanaf 2020 - 16 maanden cel. Ook kan je een ontzegging krijgen van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen (OBM).

Mocht het tot een rechtszitting komen, dan beslist natuurlijk uiteindelijk de rechter welke straf de rijder onder invloed krijgt. De rechter kan en mag afwijken van de eisen van het OM.

Alcoholkeuring

Daarnaast bestaat in bepaalde gevallen de mogelijkheid dat het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) een bestuurder verplicht om deel te nemen aan het CBR-onderzoek Alcohol om de rijgeschiktheid te onderzoeken. Gekeken wordt of er sprake is van alcoholmisbruik. Mensen die zakken krijgen hun rijbewijs niet terug tótdat zij hebben aangetoond dat te hebben aangepakt. Volgens het CBR gaat dit om 3.300 mensen per jaar.

Een alcoholkeuring moeten ondergaan kan in de volgende situaties:
- De (ervaren) bestuurder heeft een AAG van 785 µg/l of meer, oftewel een BAG hoger dan 1,8 pro mille. Bij een beginnend bestuurder gaat het om meer dan 1,3 pro mille of 570 µg/l of meer.
- Wanneer iemand wordt gepakt wegens rijden onder invloed van alcohol binnen 5 jaren na het eerder gevolgd hebben van een EMA-cursus.
- Wanneer iemand binnen 5 jaren drie keer is aangehouden wegens rijden onder invloed.

Verkeerscursussen

Er zijn drie verschillende cursussen voor weggebruikers die (alcohol)verkeersdelicten hebben begaan: de EMA (educatieve maatregel alcohol en verkeer), de LEMA (lichtere versie van EMA) en de EMG (educatieve maatregel gedrag en verkeer).

1. de EMA omvat een driedaagse cursus voor mensen die aan het verkeer hebben deelgenomen met een BAG tussen 1,3 en 1,8 pro mille (AAG 570-785 µg/l).
2. de LEMA bestaat uit twee halve dagen van elke 3,5 uur. De LEMA is bedoeld voor beginnende bestuurders met een BAG tussen 0,5 pro mille en 0,8 pro mille (AAG 220-350 µg/l).
3. de EMG (educatieve maatregel gedrag en verkeer) is bedoeld voor bestuurders die tijdens één rit herhaaldelijk ongewenst rijgedrag hebben vertoond. Ook bij een eenmalige zeer zware snelheidsoverschrijding kan een EMG worden opgelegd. Deze EMG-cursus wordt wel de huftercursus genoemd.

Uit een in 2017 uitgevoerd onderzoek blijkt dat de rijden-onder-invloed-recidive van beginnend bestuurders die een LEMA volgden een dalende trend laat zien van 15% in 2009 tot iets beneden de 10% in 2013. Maar als je kijkt naar het percentage LEMA-deelnemers dat binnen twee jaar opnieuw wordt vervolgd voor rijden onder invloed dan zie je ook dat dat percentage niet significant afwijkt van het percentage recidivisten bij een groep die bijvoorbeeld alleen een boete kreeg opgelegd. Van de LEMA kon dus geen effect worden aangetoond.

De resultaten van de EMG zijn ook niet positief, althans bij snelheidsovertreders. Dat blijkt uit onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoeks en Documentatiecentrum (WODC). Ongeveer de helft (49%) van een groep onderzochte snelheidsovertreders ging binnen 2 jaar opnieuw in de fout, met of zonder EMG-cursus. Er zijn geen evaluatiecijfers van de EMG bekend over de groep rijders onder invloed.

Uit onderzoek van het WODC uit 2021 blijkt dat deelname aan het CBR-onderzoek Alcohol i.c.m. de EMA-cursus wel positief uit te pakken. Bij bestuurders die in het kader van het CBR-onderzoek Alcohol ‘geschikt’ werden bevonden en daarna een EMA-cursus moesten volgen was de kans op rijden onder invloed recidive na twee jaar 4 procentpunt lager dan van de bestuurders die enkel volgens het strafrecht waren berecht (7% versus 11%).

Alcoholslotprogramma

Op 1 december 2011 ging het alcoholslotprogramma van start. Bestuurders die werden betrapt met een BAG tussen 1,3 pro mille en 1,8 pro mille (AAG 570-785 µg/l) en beginnende bestuurders met een BAG tussen de 1,0 en 1,8 pro mille (AAG 435-785 µg/l), kregen van het CBR de plicht een alcoholslot in hun auto te laten inbouwen. Deed je dat niet, dan mocht je niet meer rijden.
Het alcoholslotprogramma werd in oktober 2014 opgeschort nadat het Gerechtshof Den Haag bepaalde dat het alcoholslot gezien moet worden als een straf en er dus naast het alcoholslot geen boete voor rijden onder invloed mag worden opgelegd. De Hoge Raad was het met het Gerechtshof Den Haag eens en ook de Raad van State uitte kritiek op de wet die het alcoholslot regelde. Daarom werden al geen nieuwe alcoholsloten meer opgelegd.
In februari 2016 besloot het kabinet Rutte II niet meer met een nieuw aangepast alcoholslotprogramma te komen. Voor degenen die in het alcoholslotprogramma zaten veranderde er echter niets. Tot september 2016. Vanaf die datum hoeven ook zij niet meer met een alcoholslot te rijden.
In maart 2018 hebben minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid en minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat in een brief aan de Tweede Kamer laten weten dat het kabinet Rutte III definitief afscheid heeft genomen van het alcoholslot.
Daar is echter een groot aantal Tweede Kamerleden het niet mee eens. Die wil het alcoholslot weer terug. Maar de ministers houden voet bij stuk.
Overigens hebben inmiddels 8 andere EU-lidstaten het alcoholslot: Finland, Zweden, Polen, Denemarken, Tsjechië, België, Frankrijk en sinds kort Litouwen.

Nieuwe maatregelen Grapperhaus en Van Nieuwenhuizen

In de beleidsbrief aan de Tweede Kamer van ministers Grapperhaus en Van Nieuwenhuizen lieten zij weten bezig te zijn met een strengere aanpak van rijden onder invloed. Ze zijn voornemens daartoe een set aan maatregelen voor te gaan stellen.
Het doel van het Rutte III is om het aantal personen dat onder invloed van alcohol deelneemt aan het verkeer te verminderen, waardoor ook minder verkeerslachtoffers te betreuren zullen zijn. Om dit te bereiken heeft minister Grapperhaus een wetsvoorstel gemaakt om de strafmaxima te verhogen voor ernstige verkeersdelicten, waaronder rijden onder invloed. Dit wetsvoorstel is eind 2019 door de beide Kamers der Staten-Generaal aanvaard.

Minister Van Nieuwenhuizen verlaagt in overleg met het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) de grens van de alcoholkeuring (het onderzoek naar de rijgeschiktheid). Voor ervaren bestuurders ligt die grens nu op 1,8 pro mille (AAG 785 µg/l). Deze wordt mogelijk 1,3 pro mille (AAG 570 µg/l). Voor bestuurders die al eerder in de fout gingen wordt de grens mogelijk verlaagd van 1,3 pro mille (AAG 570 µg/l) naar 1,0 promille (AAG 435 µg/l) .

Verder stellen de ministers maatregelen voor die de effectiviteit van de maatregelen en sancties verhogen en het stelsel van bestuurs- en strafrecht vereenvoudigen. In dat kader wordt onder meer voorgesteld de recidiveregeling ernstige verkeersdelicten te laten vervallen, omdat deze regeling het stelsel erg complex maakt en de effectiviteit beperkt is. Zeker als de grens van de alcoholkeuring wordt verlaagd.

Onderzocht wordt of het rijbewijs op andere manieren, dan op grond van het onderzoek naar de rijgeschiktheid, ongeldig kan worden verklaard. Bijvoorbeeld door de rechter de bevoegdheid te geven het rijbewijs ongeldig te verklaren. Ook wordt bezien of de rechter de mogelijkheid kan worden gegeven een ontzegging van de rijbevoegdheid dadelijk uitvoerbaar te verklaren, zodat wordt voorkomen dat de betrokkene aan het verkeer kan blijven deelnemen tijdens de behandeling van het hoger beroep. Deze voorstellen zijn inmiddels uitgewerkt in een concept-wetsvoorstel dat eind 2019 in consultatie is gegaan.

Daarnaast is het voorstel om het stelsel zo in te richten dat het bestuursrechtelijke traject (zoveel als mogelijk) is afgerond voordat de zaak strafrechtelijk wordt beoordeeld. Op deze manier weet de strafrechter bijvoorbeeld of de betreffende bestuurder al een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd heeft gekregen en of hij hier al dan niet geschikt uit is gekomen, zodat hij kan afwegen of hij daarnaast nog een passende en effectieve straf kan opleggen.

Richtlijn strafvordering rijden onder invloed van alcohol en/of drugs (2018) (385 kB)

Factsheet Rehabilitation courses for road users, SWOV, 2010. (210 kB)

TK-brief Aanpak rijden onder invloed van alcohol (85,2 kB)

Concept-wetsvoorstel aanscherping maatregelen rijden onder invloed (120 kB)

-

4. Accijns- en btw-heffing

Accijnsheffing

Waarom de overheid accijns heft
De Nederlandse overheid heft van oudsher accijns op alcoholhoudende dranken (net als trouwens 154 andere landen waar alcohol verkocht mag worden). De overwegingen daarvoor zijn tweeledig. De schatkist staat altijd voorop, maar volksgezondheidsargumenten spelen in toenemende mate ook een rol. De overheid kan door gebruik te maken van het accijnsinstrument de prijzen van alcoholhoudende dranken beïnvloeden. Meestal zal immers door een accijnswijziging de prijs van de drank ook worden aangepast. Uit volksgezondheidsoogpunt is verhoging van de accijns een goede zaak. Hoe de consument op een prijsverhoging van alcohol reageert is afhankelijk van de inkomensontwikkeling (koopkracht), de reclame, modetrends en de tarieven in de buurlanden. Sommige onderzoekers stellen dat een prijsverhoging de consumptie tijdelijk vermindert, anderen verwachten een duurzame daling, vooral bij jongeren, maar ook bij zware drinkers.
Men is het er echter over eens, dat een accijns- en prijsverhoging voor alcoholhoudende dranken vrijwel altijd leidt tot een lagere consumptie: veel of weinig, tijdelijk of duurzaam.

Hoe de accijnzen worden geïnd
In Nederland worden op alle alcoholhoudende dranken die verhandeld worden accijnzen geheven. Alleen door consumenten zelfgemaakt bier en zelfgemaakte wijn voor gebruik in huiselijke kring, is vrij van accijns. Voor het maken van bier en/of wijn voor de verkoop en voor het hebben van een distilleerketel is een Vergunning vervaardiging in een accijnsgoederenplaats nodig. Handelaren en importeurs die niet-veraccijnsde alcoholhoudende dranken willen opslaan moeten een Vergunning opslag in een accijnsgoederenplaats hebben.

Accijnzen zijn, net als btw, inbegrepen in de prijs die de consument betaalt. De accijnsopbrengsten worden door de producenten, de handelaren en de importeurs van accijnsgoederen aan de Belastingdienst overgemaakt. De Belastingdienst int deze belasting dus niet zelf bij de consumenten.

Europese richtlijnen en de Wet op de accijns
De Horizontale accijnsrichtlijn (meest recent EU/2020/262 ter vervanging van 2008/118/EG) bevat bepalingen die voor alle accijnsgoederen gelden, zoals algemene definities, tijdstip en plaats van verschuldigdheid van accijns en vrijstellingen. Ook zijn daarin controlebepalingen opgenomen, waaronder het automatiseringssysteem voor accijnsgoederen (Excise Movement and Control System - EMCS) dat binnen de gehele Europese Unie van toepassing is. Binnen de Europese Unie is geregeld dat voor grensoverschrijdende online verkoop de accijns en btw-tarieven van het bestemmingsland gelden.

De structuur van de accijnsheffing op alcoholhoudende dranken en de minimumtarieven zijn geregeld in twee andere Europese richtlijnen. Het betreft de Richtlijn betreffende de harmonisatie van de structuur van de accijns op alcohol en alcoholhoudende dranken (92/83/EEG, wordt 1 januari 2022 gewijzigd, zie 2020/1151) en de Richtlijn betreffende de onderlinge aanpassing van de accijnstarieven op alcohol en alcoholhoudende dranken (92/84/EEG). Die Europese minimumtarieven zijn overigens erg laag en bij wijn zelfs €0,00. In feite komt dat erop neer dat een EU-lidstaat zelf kan kiezen of het accijns op wijn heft!
Beide richtlijnen zijn in Nederland geïmplementeerd in de Wet op de accijns. De accijnsheffing in ons land is de verantwoordelijkheid van de minister van Financiën. De laatste jaren is dit dossier in handen van de staatssecretaris.

Op grond van de Europese richtlijnen wordt in Nederland als volgt accijns geheven:
- Voor bier met meer dan 0,5% alcohol gelden 4 verschillende accijnscategorieën. Niet het alcoholgehalte van het bier bepaalt de categorie, maar het extractgehalte van het bier. Het extractgehalte wordt uitgedrukt in graden Plato (°P). Hiermee wordt bedoeld het gehalte aan opgeloste stoffen die in het stamwort van het bier zitten, plus het gehalte van de stoffen die na de gisting aan het bier zijn toegevoegd. Als vuistregel kan aangehouden worden, dat het aantal graden Plato maal 0,4, het alcoholgehalte van het uiteindelijke bier wordt. Voor bieren met veel onvergistbare suikers gaat deze regel echter niet op.
- Bij wijn waren er altijd verschillende accijnstarieven voor bepaalde mousserende wijnen (meer specifiek: wijnen met een plofkurk met een metalen vlechtwerkje, zoals champagne en bepaalde prosecco's) en niet-mousserende wijnen (ook wel stille wijn genoemd). Dat onderscheid is in 2017 komen te vervallen. Nu bepaalt zowel bij mousserende als bij stille wijnen alleen nog het alcoholpercentage van de betreffende wijn de uiteindelijke accijnsafdracht. Is het alcoholgehalte maximaal 8,5% dan geldt het lage tarief, is het alcoholgehalte meer dan 8,5% (wat meestal het geval is) dan geldt het hoge tarief. Cider wordt v.w.b. de accijnzen aangemerkt als wijn. Er is wel een speciale accijns voor tussenproducten zoals port, sherry en vermout.
- Bij gedistilleerde dranken (en mixdranken) wordt de accijns geheven als een vast bedrag per hectoliter pure alcohol. Hard seltzers worden altijd belast als gedistilleerde dranken.

Als consumenten accijnsgoederen waarover de accijns al betaald is, meenemen van een ander EU-land, dan wordt er niet opnieuw accijnzen geheven, voor zover zij zich aan de volgende maximumhoeveelheden houden: 10 liter gedistilleerde drank, 90 liter wijn (inclusief max. 60 liter mousserende wijn), 20 liter versterkte wijn en 110 liter bier. De genoemde hoeveelheden zijn groter dan de gemiddelde jaarlijkse consumptie van één inwoner van de EU. Daarom liggen die momenteel onder vuur.
Van buiten de EU naar Nederland mag je accijnsvrij invoeren: 1 liter sterke drank, óf 2 liter mousserende wijn óf 2 liter sherry of port, 4 liter stille wijn en 16 liter bier. Deze aantallen gelden alleen voor personen van 17 jaar en ouder.

Richtlijn 92/83/EEG (922 kB)

Richtlijn 92/84/EEG (372 kB)

-

Tarieven in Nederland
In Nederland kennen vrijwel alle accijnzen een jaarlijkse inflatiecorrectie. De alcoholaccijnzen vormen wat dat betreft een uitzondering. Die worden niet elk jaar, maar eens in de zoveel jaar opgehoogd.

Bij het vaststellen van het nieuwe tarief wordt meestal gekeken naar de inflatie sinds de vorige wijziging en die wordt dan geheel of gedeeltelijk "meegenomen". In de praktijk betekent dat, dat er eens in de zoveel jaar redelijk forse tariefstijgingen zijn, maar dat – ondanks die forse stijgingen – de accijnstarieven over enkele tientallen jaren bekeken toch wel zijn achtergebleven bij de inflatie. Vooral de accijns op gedistilleerde dranken is de afgelopen decennia maar beperkt meegestegen met de inflatie.

Dat de accijnzen niet elk jaar een beetje aangepast worden, maar eens in de zoveel jaar fors, wordt geïllustreerd door het feit dat de laatste algemene verhoging van de alcoholaccijnzen in 2014 was en dat alle tarieven toen met een 5,75% stegen, met uitzondering van bieren tot 7°P. Het accijnstarief voor die bieren steeg met 25%.
In 2015 waren er geen alcoholaccijnsverhogingen.
In 2016 werd alleen de belasting op bieren tot 7°P weer verhoogd. Formeel ging het bij alcoholvrij bier om een verhoging van de verbruiksbelasting en bij alcoholarm bier om een verhoging van de bieraccijns. Voor beide categorieën laaggradige bieren geldt sindsdien een tarief van €8,83 per hectoliter.
In 2017 is een vereenvoudiging van de accijnstarieven in werking getreden. Het onderscheid tussen mousserende en niet-mousserende wijnen en tussenproducten is komen te vervallen. Oorspronkelijk wilde het kabinet dat gepaard laten gaan met een verhoging van de wijnaccijns. Na een gesprek met de wijnbranche werd daar echter vanaf gezien. Integendeel, er was zelfs een lichte daling van het tarief van "gewone" wijnen met een alcoholgehalte tussen de 11 en 14%.
In 2018, 2019, 2020 en 2021 waren/zijn er opnieuw geen tariefstijgingen.

Huidige accijns per glas:
Glas pilsner bier (250 cc): 9,5 cent*
Glas stille of mousserende wijn (100 cc): 8,8 cent
Glas jenever (35 cc): 20,7 cent

Deze accijnstarieven betekenen dat de consument per liter pure alcohol:
€ 7,59 betaalt als die alcohol is in de vorm van pils,
€ 7,36 als die is in de vorm van wijn,
€ 16,86 als die is in de vorm van gedistilleerde drank.

* Brouwerijen die minder dan 200.000 hectoliter bier produceren hoeven wat minder accijns af te dragen (92,5%).

Tabel: Accijnstarieven (meest voorkomend) vanaf 2017

Bier per hl in graden Plato 
Minder dan 7 € 8,83
7 - 11 € 28,49
11 - 15 € 37,96
15 en meer € 47,48
  
Wijn per hl in volume procenten alcohol 
Maximaal 8,5% volume alcohol € 44,24
Meer dan 8,5% volume alcohol € 88,30
  
Tussenproducten per hl in volume procenten alcohol 
Maximaal 15% volume alcohol € 105,98
Meer dan 15% volume alcohol € 149,30
  
Gedistilleerd per hl per % volume alcohol € 16,86

-

Accijnstarieven vanaf 2012 (62,0 kB)

-

Accijns-opbrengsten
Zowel het Ministerie van Financiën als het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) publiceren gegevens over accijnsopbrengsten. Het Ministerie van Financiën registreert de kasontvangsten, het CBS - conform Europese voorschriften - de ontvangsten op transactiebasis, dat wil zeggen op het moment waarop de activiteit plaatsvindt die tot de belastingschuld leidt. STAP maakt gebruik van de CBS-cijfers omdat die een beter beeld geven van het effect van accijnswijzigingen en bovendien Europese vergelijkingen mogelijk maken.

Opbrengsten accijnzen op alcoholhoudende dranken 2000-2019 (x 1.000.000) volgens CBS

Jaar Bier Wijn* Gedistilleerd Totaal
2000 263 173 397 833
2001 287 172 413 872
2002 306 212 472 990
2003 300 227 357 884
2004 346 233 378 957
2005 297 237 373 907
2006 335 242 321 898
2007 310 257 335 902
2008 318 285 328 931
2009 390 285 306 981
2010 389 304 331 1.024
2011 383 299 314 996
2012 387 316 348 1.051
2013 413 348 306 1.067
2014 423 357 311 1.091
2015 451 329 314 1.119
2016 446 354 324 1.128
2017 447 346 331 1.124
2018 457 347 342 1.146
2019 422 330 331 1.083
2020 388 329 322 1.093

* inclusief tussenproducten

Btw-heffing

Op alcoholhoudende dranken (inclusief de accijns daarop) wordt btw geheven. De btw is in de prijs die de consument moet betalen begrepen.
Voor vrijwel alle alcoholhoudende dranken geldt het hoge 21%-tarief. Alleen bier (en biermengsels) met 0,5% alcohol of minder en andere dranken met 1,2% alcohol of minder vallen onder het 9%-tarief.
Door alcoholhoudende dranken te belasten met het hoge tarief, geeft de wetgever aan dat alcoholhoudende dranken luxe goederen zijn, die niet behoren tot het "basispakket".

Voor postmixen en andere "samengestelde" dranken in de horeca geldt een speciale regeling. Indien de drank een samenstelling is van ingrediënten met een 9%- en met een 21%-tarief en de verkoopprijs tot stand is gekomen door de verkoopprijzen van de afzonderlijke ingrediënten bij elkaar op te tellen, dan mag de ondernemer voor de verschillende ingrediënten het daarvoor geldende BTW-tarief hanteren, op voorwaarde dat dit ook als zodanig wordt geadministreerd. Voorbeelden: rum/cola en Irish Coffee.

Bij een all-inclusive maaltijd moet over de maaltijd en de alcoholvrije drank 9% btw betaald worden, over de alcoholhoudende drank 21%. De Hoge Raad heeft dat goedgekeurd. De Europese richtlijnen staan het lidstaten toe om voor restaurantdiensten een uitzondering te hanteren in hun wetgeving en de levering van alcoholhoudende drank uit te sluiten van het verlaagde 9% btw-tarief.

-

Dmmkdjli2

5. Educatie en bewustwording

Massamediale voorlichting

In 1986 startte het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een grootschalige landelijke Postbus 51 campagne over alcohol. De campagne omvatte massamediale activiteiten, voornamelijk televisie- en radiospotjes, en regionale activiteiten. In de eerste jaren was de campagne gericht op het algemene publiek, later op jongeren en ouders. Op lokaal niveau werden aansluitende projecten uitgevoerd.

Oorspronkelijk werd de campagne gecoördineerd door het ministerie zelf, later door het Nederlands Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie (NIGZ), na 2008 door het Trimbos-Instituut. Dit instituut heeft ook - als onderdeel van de campagne - een telefonische hulplijn en een website met alcoholinformatie opgestart. De slogan van alle activiteiten ("DRANK maakt meer kapot dan je lief is") was zeer goed bekend bij het algemene publiek en werd ook hoog gewaardeerd. In 2010 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport besloten alle op gedragsverandering gerichte Postbus 51 campagnes - dus ook de campagne "DRANK maakt meer kapot dan je lief is", met ingang van 2012 te stoppen, omdat dergelijke campagnes te betuttelend zouden zijn.

Nix18

Inmiddels is de rijksoverheid hierop teruggekomen: sinds najaar 2013 wordt immers de meerjarige NIX18 campagne gevoerd, die duidelijk moet maken dat het heel gewoon en eenvoudig is om voor je 18de niet te roken en te drinken. Diverse televisie-spotjes zijn onderdeel van deze campagne.

Preventie binnen sportverenigingen

De rijksoverheid steunt - samen met zorgverzekeraar DSW, NOC*NSF en enkele sportbonden - ook preventieve activiteiten binnen sportverenigingen. Doel is vooral de slechte naleving van de leeftijdsgrenzen bij het schenken van alcohol in de sportkantines aan te pakken. In dat kader bezoekt kinderarts Nico van der Lely de komende jaren - samen met enkele teams - een groot aantal sportclubs om ze bewust te maken van de schadelijke gevolgen van overmatig drankgebruik onder jongeren.

Dgsg2

Schoolvoorlichting

Het bekendste schoolvoorlichtingsprogramma over alcohol is door het Trimbos-instituut ontwikkeld. Het gaat om het programma 'Helder op School', vroeger 'De Gezonde School en Genotmiddelen' genaamd. Het omvat materalen gericht op het primair onderwijs, het voortgezet (speciaal) onderwijs, het MBO en het HBO/WO. De uitvoering is zoveel mogelijk op regionaal niveau door preventiewerkers van de GGD en de regionale instellingen voor verslavingszorg. Deze preventiewerkers zijn getraind door het Trimbos-instituut.

In het programma wordt niet alleen aandacht besteed aan alcohol, maar ook aan tabak, drugs en gamen. 'Helder op School' is een integraal programma.
Het kent 4 pijlers:
1. Beleid. De basis is een goed beleid met heldere afspraken die bij iedereen bekend zijn.
2. Educatie. De lesprogramma’s en materialen zijn afgestemd op niveau en leeftijd van de leerlingen of studenten, geven actuele informatie en leren hen vaardigheden om eigen keuzes te kunnen maken.
3. Signaleren. Het signaleren en begeleiden van individuele leerlingen met (beginnende) problemen op dit gebied vraagt om specifieke kennis en vaardigheden van medewerkers van de school en een gedegen zorgplan.
4. Omgeving. De fysieke omgeving is zoveel mogelijk aangepast, bijvoorbeeld met een rookvrij schoolterrein, en de sociale omgeving - de ouders - wordt actief betrokken met informatie en speciale ouderavonden.

In de ruim 30 jaar dat het programma bestaat, is het steeds verder ontwikkeld en is ook veel onderzoek gedaan naar de effecten. De opzet van de niveau- en leeftijdsspecifieke educatiematerialen is gebaseerd op onderzoek naar wat werkt op welke leeftijd.

Het streven van 'Helder op School' is om door onderzoek, ontwikkeling en innovatie in nauwe betrokkenheid met de doelgroep, leerlingen en studenten bewust te maken van de gevolgen van roken, het gebruik van alcohol en drugs en overmatig gamen, om hen te stimuleren om niet te gaan roken, geen drugs te gebruiken, niet te veel te gamen en verantwoord om te gaan met alcohol vanaf 18 jaar. Om dit te kunnen realiseren betrekt 'Helder op School' nadrukkelijk de schoolomgeving en de ouders van de leerlingen bij de uitvoering van het programma.

Het programma krijgt subsidie van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Bijna 2.000 scholen registreerden zich in het schooljaar 2018-2019 voor 'Helder op School' bij een regiocontactpersoon, maar in de praktijk worden meer scholen bereikt.

Bob2

Voorlichting over gevaren van rijden onder invloed

De BoB-campagne heeft tot doel het bewustzijn van de gevaren van rijden onder invloed te vergroten. Het geven van algemene informatie over rijden onder invloed wordt in campagne-periodes gecombineerd met verhoogd politietoezicht. Het is een campagne gericht op “nuchtere chauffeurs”. Voor het uitgaan wordt afgesproken wie de chauffeur zal zijn, die daarom verder nuchter blijft en zijn/haar vrienden veilig naar huis rijdt.
De BoB-campagne ontstond in België, in 1995. Nederland nam het concept in 2001 over. In Nederland wordt de campagne gecoördineerd door het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Participanten zijn de alcoholproducenten en Veilig Verkeer Nederland.

Meer informatie over deze campagnes: nix18, NOC*NSF, De Gezonde School en Genotmiddelen en BoB

Een overzicht van alle aanbevolen en goed beschreven alcoholinterventies vindt u hier.

6. Behandeling

In Nederland bestaat een goed netwerk van professionele behandelingsmogelijkheden voor probleemdrinkers. Huisartsen bieden eerstelijns zorg. Maar het is bekend dat nogal wat alcoholproblemen in dit echelon niet worden onderkend.

Probleemdrinkers worden meestal behandeld in een van de 12 door de overheid gefinancierde regionale verslavingszorginstellingen, waar zowel drugsverslaafden als alcoholisten terecht kunnen. De verslavingszorg is onder te verdelen in twee groepen van ongeveer gelijke grootte: gespecialiseerde verslavingszorginstellingen en instellingen die gefuseerd zijn tot een GGZ brede instelling (de zogenaamde geïntegreerde instellingen).

Het huidige zorgaanbod in de verslavingszorginstellingen is zeer gedifferentieerd. Het aanbod reikt van ambulante behandelprogramma’s tot klinische behandeling. De klinische behandeling omvat korte detoxificatie (tot drie weken), kortdurende opnames (tot drie maanden) en langerdurende opnames (maximaal één jaar) waar intensieve behandelprogramma’s worden geboden. Een klinische opname gaat bijna altijd gepaard met een ambulante behandeling (voorafgaand of als vervolgbehandeling).
De uitgaven aan verslavingszorg waren in 2017 zo'n € 820 miljoen euro. Dit komt overeen met 0,93 procent van de totale zorguitgaven in Nederland.

Jaarlijks worden circa 29.000 alcoholcliënten in de verslavingszorginstellingen behandeld. Meestal gaat het om ambulante behandelingen. Drie veel gebruikte medicijnen gericht op abstinentie of reductie in het gebruik van alcohol zijn: naltrexon, acamprosaat en disulfiram.

Sinds 2008 worden jonge patiënten (jonger dan 18 jaar) die in het ziekenhuis zijn opgenomen met een alcoholcoma, soms behandeld in een zogenaamde "alcoholpoli" waar hen tevens een uitgebreid nazorgprogramma wordt geboden. Die aanpak is effectief gebleken. Er werken inmiddels meer ziekenhuizen met dit protocol. Per 1 januari 2016 is deze werkwijze financieel geborgd door onder meer de opname van de medisch-psychologische verrichtingen in de bestaande (somatische) DBC/DOT alcoholintoxicatie Jeugd. Verschillende instellingen in de verslavingszorg hebben hun protocol op deze werkwijze afgestemd of hebben de afgelopen jaren vergelijkbare programma's ontwikkeld.

Behandeling wordt ook aangeboden door een breed scala aan religieuze organisaties, privéklinieken en vele lokale zelfhulpgroepen, zoals Anonieme Alcoholisten (AA). De meetings van de AA-groepen trekken gezamenlijk wel zo'n 2.000 mensen! Er zijn ook privécoaches die hulp bieden om bewuster met alcohol om te gaan. Een voorbeeld daarvan vindt u op ontwijnen.nl.

Er zijn ook online behandelprogramma's beschikbaar. Een overzicht is hier te vinden. Nieuw is de app Maxx die helpt om te minderen. Maxx wordt gratis aangeboden via de App Store en Google Play Store.

STAP heeft met Universiteit Maastricht een effectief e-health programma ontwikkeld om alcohol tijdens de zwangerschap terug te dringen. Dit programma heette: Negen Maanden Niet. Deze speciale e-health cursus is inmiddels door STAP overgedragen aan het Trimbos-instituut, dat meer e-health programma's beheert. Zij hebben het doorontwikkeld en een nieuwe naam gegeven: Alcoholvrij Zwanger.

Er bestaat ook een zelftest om het eigen drinkgedrag te analyseren. Na het invullen van deze Drinktest.nl krijgt men informatie en advies op maat.

Samen Nuchter, de online-cursus voor naasten van alcohol- en drugsverslaafden, en Kopstoring, voor jongeren met een vader of moeder met psychische en/of verslavingsproblemen, mogen ook niet onvermeld blijven.

STAP-publicaties over dit thema

Overzicht leeftijdsgrenzen alcoholverkoop in EU-lidstaten - januari 2018 (december 2017)
Factsheet Wanneer is bier voor de wet alcohol? (12 september 2017)
Factsheet Duurdere drank spaart levens (21 oktober 2016)
Ziek van alcohol; een analyse van de kennis onder de Nederlandse bevolking (30 mei 2012)
Factsheet alcohol en prijsbeleid (14 oktober 2011)
Factsheet maatschappelijke kosten en schade alcoholgebruik (14 december 2010)
Factsheet Nederlands alcoholbeleid (4 juni 2008)

In deze lijst zijn niet opgenomen de vele publicaties rond het thema alcoholmarketing.

Recent nieuws

Aanpassing Besluit bouwwerken leefomgeving in verband met samenloop Alcoholwet (17 juli 2021)
Stuntverbod leidde tot hamsteren alcoholhoudende dranken (13 juli 2021)
Ook dit jaar weer 'Zien drinken, doet drinken' (12 juli 2021)
Nieuw uitvoeringsbesluit onder meer voor LDIS (12 juli 2021)
Alcoholmeter mogelijk niet meer vrijwillig (10 juli 2021)
Vakcentrum maakt zich zorgen (9 juli 2021)
Coronaregels voor horeca en evenementen aangescherpt (9 juli 2021)
Wat een levensmiddelenwinkel is hangt af van het assortiment (8 juli 2021)
Bijna helft doelen Preventieakkoord niet gehaald (6 juli 2021)
MUP veelbelovend om problematisch drinken tegen te gaan (6 juli 2021)
Van Dalen voorstander van introductie van MUP in Nederland (6 juli 2021)
Van Dalen: Hoe hoger de korting hoe meer men drinkt (3 juli 2021)
Telegraaflezers:'Drankprijs zal drankgebruik niet veranderen' (3 juli 2021)
Komende zomer duidelijkheid over online leeftijdsverificatiesystemen (3 juli 2021)
Boete voor niet-aanwezig zijn van leidinggevende die even kroketje ging trekken (2 juli 2021)
Van Dalen: "Stuntverbod is historische maatregel" (1 juli 2021)
'Onbegrijpelijke versoepeling' ventilatie-eisen horeca (1 juli 2021)
Linders verlaagt standaardprijs krat bier om bij acties op tientje uit te komen (1 juli 2021)
Stichting ANGOB is voor een totaalverbod op prijsstunten (1 juli 2021)
Nieuwe regels wederverstrekking bij veel Nederlanders onbekend (1 juli 2021)
Alcoholwet treedt vandaag grotendeels in werking (1 juli 2021)
Van Dalen: Nog teveel ruimte voor marktpartijen, wettelijke minimumprijs is beter (28 juni 2021)
Door nieuwe Alcoholwet is sterke drank niet meer verkrijgbaar op supermarkt-site (27 juni 2021)
Grapperhaus: begrip als kroegen vanavond openblijven na 22:00 uur (25 juni 2021)
Lagere accijnsopbrengsten alcoholhoudende dranken 2021 Q 1 (24 juni 2021)
Wat gaan de brouwers doen na prijsactie-verbod? (23 juni 2021)
Horeca 26 juni 2021 weer regulier open; alcoholklok opgeheven (18 juni 2021)
NVWA gaat controleren op stuntprijzen en online alcoholverkoop (16 juni 2021)
Alcoholregeling gepubliceerd (16 juni 2021)
Stunten met alcoholhoudende drank behoort 1 juli tot het verleden (16 juni 2021)
Alcoholbesluit in Staatsblad (10 juni 2021)
Alcoholwet treedt grotendeels op 1 juli a.s. in werking (10 juni 2021)
Domein boa's aangepast (8 juni 2021)
Van Dalen: Meer doen tegen alcoholgebruik door de WHO-adviezen op te volgen (5 juni 2021)
Drinkers zijn simpel van de drank af te krijgen (3 juni 2021)
Ministerraad neemt Nader Rapport over Alcoholbesluit aan (28 mei 2021)
Horeca vanaf 5 juni open tot 22:00 uur; alcoholklok schuift mee op (28 mei 2021)
RIVM: alcoholbeleid sinds 2006 heeft effect gehad, maar er had meer bereikt kunnen worden (25 mei 2021)
Oproep Initiatiefgroep Preventieakkoord: van nazorg naar voorzorg (19 mei 2021)
Nieuw OECD rapport adviseert overheden: pak schadelijk alcoholgebruik aan! (19 mei 2021)
Van Dalen: zorgen over de rol van supermarkten in alcoholverkoop (18 mei 2021)
Veel mensen zagen het misgaan op de terrassen (12 mei 2021)
Kamer neemt brief van Aartsen voor kennisgeving aan (12 mei 2021)
Preventietafelvoorzitters: investeer in preventie (12 mei 2021)
Terrassen vanaf 19 mei langer open (11 mei 2021)
Petra de Boevere nieuwe voorzitter van de Koninklijke SlijtersUnie (3 mei 2021)
Supermarkten verkopen alcohol tot 20.00 uur (28 april 2021)
VVD-er Aartsen neemt verdediging wetsvoorstel Ziengs over (22 april 2021)
Horecaterrassen op 28 april weer open (20 april 2021)
Subsidies voor horecaopleidingen met SvH-erkenning óf SvH-diploma (20 april 2021)
Kabinet: geen versoepelingen per 21 april, mogelijk wel vanaf 28 april (12 april 2021)
Driekwart Telegraaflezers tegen beperken alcoholverkoop tot slijterij (9 april 2021)
Kabinet werkt aan plan om 21 april terrassen en winkels te openen (8 april 2021)
Problematisch alcoholgebruik en kansspelverslaving (7 april 2021)
Onderzoek alcoholafhankelijkheid sportkantines en sportevenementen (7 april 2021)
Aanbevelingen rond Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (7 april 2021)
Een op de vijf online bestelde dranken komt uit het buitenland (7 april 2021)
Meer dranken alleen verkrijgbaar bij de slijter heeft positief effect en is een optie met redelijk draagvlak (7 april 2021)
Bij prijsacties neemt consumptie tot 50% toe (7 april 2021)
RIVM inventariseert mogelijke vervolgstappen richting de ambities voor 2040 (6 april 2021)
Ook andere G4 burgemeesters willen terrassen open (3 april 2021)
Burgemeester Halsema roept op tot opening terrassen (3 april 2021)
WODC-rapport: Recidive na het CBR-onderzoek Alcohol (2 april 2021)
Rijden onder invloed neemt toe in vrijwel elke regio (2 april 2021)
Picknickacties door heel Nederland (28 maart 2021)
Supermarkten gaan langer open, maar alcoholklok blijft (25 maart 2021)
Horeca roept op om zondag massaal te gaan picknicken (25 maart 2021)
Latere avondklok betekent mogelijk ook langere opening supermarkten (23 maart 2021)
Kaag beantwoordt Kamervragen over rapport Vital Strategies (13 maart 2021)
Merendeel Nederlanders vindt dat terrassen open kunnen (4 maart 2021)
SBO: Noodlijdende horeca is witwaswalhalla voor criminelen (27 februari 2021)
Kamer neemt motie Bolkestein over alcoholreclame aan (26 februari 2021)
Kamer spoort Kabinet aan opening horecaterrassen toe te staan (25 februari 2021)
Duizenden horecazaken willen terrassen opengooien (25 februari 2021)
'Wat Drink Jij?' website voor jongeren vernieuwd (23 februari 2021)
Goede resultaten xtc-behandeling van alcoholverslaving (18 februari 2021)
Bijna 6.000 deelnemers aan nieuwe IkPas-actie (17 februari 2021)
Wetswijziging ter invoering van de Alcoholmeter (16 februari 2021)
Antwoord Van Nieuwenhuizen op vragen over Belgische BoB-campagne (15 februari 2021)
Statiegeld van 15 eurocent op bier- en frisblikjes (3 februari 2021)
AAN wil snelle invoering gezondheidswaarschuwing op alcoholhoudende dranken (3 februari 2021)
Horeca en winkels tot begin maart alleen open voor afhalen (2 februari 2021)
Kamervragen over Vital Strategies rapport (2 februari 2021)
Motie Van Gerven/Hijink over weren industrie van thematafels (1 februari 2021)
Blokhuis stuurt Staten-Generaal ontwerp-Alcoholbesluit (29 januari 2021)
BestelThuis kiest voor leeftijdsverificatie met iDIN (27 januari 2021)
Voorstel wijziging onderzoeksbevoegdheden bij rijden onder invloed (18 januari 2021)
Vital Strategies: heroverweeg perverse prikkels aan alcoholindustrie (15 januari 2021)
Stijging aantal nieuwe horecazaken brengt ook een gevaar met zich mee (15 januari 2021)
Cafés en restaurants zeker nog tot 9 februari dicht (12 januari 2021)
Ruim 32.000 deelnemers aan IkPas (8 januari 2021)
Aanpak gezondheidsklachten naasten van verslaafden (7 januari 2021)
Alcoholklok levert geen problemen op (6 januari 2021)

Nederlands Instituut voor Alcoholbeleid STAP
Postbus 9769
3506 GT Utrecht
T: +31 (0)30-6565041
F: +31 (0)30-6565043
E: info@stap.nl