AlcoholReclame
Over STAP Contact

Beleid Alcoholreclame in Nederland: historie

Hieronder treft u een overzicht aan van de ontwikkeling van alcoholreclamebeleid in Nederland, met de daarbij betrokken partijen en organisaties, relevante onderzoeken, beleidsstukken en andere documenten.

Wetgeving voorkomen: introductie van de Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken

In 1986 wil het kabinet alcoholreclame op tv via de wet verbieden. Dit gaat helaas niet door. De alcoholbranche krijgt het voordeel van de twijfel en mag zelf afspraken maken over het reguleren van alcoholreclame. We noemen dit zelfregulering.

Motie Janmaat-Abbé in 1987

Historisch is in dit verband de succesvolle alcohollobby van Mw. Janmaat-Abbé van het CDA (in parlementaire kringen wel de moeder van de zelfregulering genoemd). In haar poging om een wettelijk alcoholreclameverbod op radio en tv tegen te gaan dient zij op 7 september 1987 een motie in (kamerstuk 19 243, nr. 9) waarin zij schrijft:

  • overwegende, dat het niet vaststaat dat een exclusief verbod van radio en TV reclame bijdraagt tot alcoholmatiging en bestrijding van misbruik;
  • van mening dat de aangeboden zelfregulering ten aanzien van terughoudendheid bij drankreclame door het bedrijfsleven een kans gegeven moet worden;
  • van oordeel dat het bedrijfsleven met de overheid de reclamecode dient aan te scherpen en een gedragscode dient te ontwikkelen;
  • verzoekt de regering, in afwachting daarvan af te zien van een verbod van alcoholreclame op radio en tv.

Nederland uitzondering in Europa met uitsluitend zelfregulering

Oorspronkelijk waren er regels voor alcoholreclame via de ether (radio, tv) en regels voor alcoholreclame via de gedrukte media. In 1988 zijn die samengevoegd en deel gaan uitmaken van de Nederlandse Code voor het Reclamewezen. Sinds 1990 zijn de regels samengevoegd in de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (RvA of de Code). Hiermee heeft de alcoholindustrie gedurende vele jaren wettelijke regulering van alcoholreclame weten te voorkomen. Nederland vormde hiermee een uitzondering in Europa: van alle 27 EU-lidstaten was Nederland lange tijd het enige land waar alcoholreclame alleen via zelfregulering was beperkt. Andere Europese lidstaten hebben de regels over alcoholreclame, naast in zelfregulering, ook deels in wetgeving verankerd.

Volume versus inhoud van alcoholreclame

Longitudinale studies naar de invloed van alcoholreclame op drinkgedrag van jongeren laten nagenoeg allemaal hetzelfde beeld zien: hoe meer jongeren worden blootgesteld aan alcoholreclame en –marketing, hoe vroeger ze beginnen met drinken en hoe meer ze gaan drinken op latere leeftijd (ga voor meer informatie hierover naar ‘De effecten van alcoholreclame’ ). Het is dus met name van belang de hoeveelheid of het volume van alcoholreclame te beperken. De inhoud van de reclame is hierbij van minder groot belang (hoewel deze het beste zo min mogelijk aantrekkelijk zou moeten zijn voor jongeren).

Weinig impact research beschikbaar

Echter, op het moment dat het kabinet er in 1986 over nadacht alcoholreclame op tv te verbieden, was er nog nauwelijks goed wetenschappelijk onderzoek gedaan waaruit bleek dat met name het volume van alcoholreclame van invloed is op drinkgedrag. Wetgeving om alcoholreclame op radio en tv deels te verbieden had in 1986 al stevig kunnen bijdragen aan het beperken van de hoeveelheid alcoholreclame. Het compromis met de industrie leidde er echter toe dat niet het volume, maar slechts de inhoud van alcoholreclame deels beperkingen kreeg opgelegd. De regels uit de RvA hebben nagenoeg allemaal betrekking op de inhoud van alcoholreclame. De Code is hiermee een soort ‘afleidingsmanoeuvre’ die de aandacht weg trekt van dat waar het eigenlijk om draait: het beperken van het volume van alcoholreclame.

Alcohol en sportsponsoring

Sportsponsoring door de alcoholindustrie heeft een vlucht genomen in Nederland. Dit is mogelijk geworden door het gebrek aan regels over sport die de industrie zichzelf in haar eigen Code heeft opgelegd. In de eerste Code werd geen regulering voor alcohol en sportsponsoring opgenomen vanwege het feit dat men rekening wilde houden met één reeds bestaand gesponsord sportevenement: de Amstel Cold Race. Later werd deze uitzondering de regel: talloze sportevenementen en voetbalclubs worden inmiddels gesponsord door de alcoholindustrie (bv. de Heineken sponsort de Europese Champions League, Jupiler sponsort het Eerste Divisie voetbal, de Jupiler League, voetbalstadion de Grolsch Veste, voetbalclub Bavaria United, etc). In feite gaat een gezonde activiteit als sporten niet samen met een ongezond middel als alcohol. De industrie heeft door haar eigen regels op te stellen handig gebruik gemaakt van de ‘mazen in de zelfregulering’. Het zal veel voeten in aarde hebben nu te proberen de link tussen alcohol en sportsponsoring terug te dringen.

De ‘sleet’ in de Code

In 1998 geeft Minister Borst van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bij een bespreking in de Tweede Kamer aan dat de Code niet meer voldoende bijdraagt aan alcoholmatiging. Haar oordeel: in de naleving van de Code is 'de sleet gekomen'. Bij de Reclame Code Commissie komen steeds meer klachten binnen over alcoholreclame, er wordt teveel reclame gerelateerd aan sport en te vaak is op jongerenzenders alcoholreclame te zien en te horen. In het begin werd duidelijk bij de doelstellingen van de Code vermeld dat de Code bedoeld was om het alcoholprobleem onder jongeren terug te dringen. Later is deze doelstelling er stilletjes uitgeschreven.

Alcoholindustrie krijgt een kans

Minister Borst geeft reeds in 1998 aan dat een aanscherping van de Reclamecode nodig is. Ze wil ook betere afspraken over naleving en sanctionering. Pas eind 1999 komt de branche met een nieuwe Code. Die voldoet niet aan de verwachtingen en de minister is teleurgesteld. Zo is de Code opgesplitst in drie deelcodes met o.a. als bezwaar het ontbreken van een overkoepelende structuur en de afwezigheid van een actief handhavingsbeleid. Het thema sport blijft onaangeroerd en ook aan prijsreclame in de vorm van happy hours wordt geen einde gemaakt. In sommige opzichten is de Code zelfs versoepeld in plaats van aangescherpt (bv. in relatie tot sport mag nu nagenoeg alles). Borst schrijft dat ze alsnog rekent op een verbetering van de nieuwe Code. Deze komt er vooralsnog niet. De kamer dringt aan op spoed en Borst zegt toe met de branche te gaan praten.

Aanpassing van de Code in 2000

Het overleg van Borst met de branche in april 2000 leidt tot een aantal aanvullingen op de vernieuwde Code. Deze zijn:

  • Alcoholreclame is niet meer toegestaan als 25% of meer van het publiek jonger is dan 18 jaar (was 50%). (Dit lijkt een hele verbetering, maar gezien het feit dat de Nederlandse bevolking voor ongeveer 16,5% uit minderjarigen bestaat, mag in de praktijk nagenoeg overal alcoholreclame worden gemaakt en worden in absolute aantallen nog steeds veel minderjarigen bereikt).
  • Happy hours worden gedeeltelijk uitgebannen (o.a. niet voor jongeren en niet vlak voor sluitingstijd). Dit werd overigens niet opgenomen in de RvA maar in de gedragscode van Koninklijke Horeca Nederland.
  • De horeca en de supermarkten zeggen toe de Drank- en Horecawet beter te zullen naleven.
  • Er komen echter géén extra regels over alcohol en sport en over sponsoring.
  • Ook aan de bezwaren van de driedeling van de Reclamecode (ontbreken van een overkoepelende structuur, geen actief handhavingsbeleid) wordt niet tegemoet gekomen.

Algemene Maatregel van Bestuur over alcoholreclame

Op 1 november 2000 wordt de nieuwe Drank- en Horecawet vastgesteld en als onderdeel wordt de bevoegdheid gecreëerd een Algemene maatregel van Bestuur over alcoholreclame op te stellen (artikel 2). De AmvB fungeert als stok achter de deur: als zelfregulering onvoldoende werkt heeft de minister nu wetgeving binnen handbereik.

Samenwerking overheid en bedrijfsleven

Het bedrijfsleven geeft ondertussen aan meer te willen gaan samenwerken met de overheid om alcoholproblemen onder jongeren terug te dringen. De overheid stemt daarin toe en richt het ROA op (Regulier Overleg Alcoholbeleid) waaraan naast de overheid, vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en van de gezondheidsorganisaties deelnemen. Ook komt er een afzonderlijk overleg tussen de directeuren van deze organisaties (DOA: Directeuren Overleg Alcoholbeleid) waaraan in hoofdzaak wordt deelgenomen door het bedrijfsleven. Het gevolg is dat alle voorgenomen beleidsmaatregelen van de overheid worden vóór de indiening ervan worden besproken met het bedrijfsleven en andere stakeholders.

Nieuwe Alcoholnota

In 2001 verschijnt een nieuwe kabinetsnota over alcohol: de Alcoholnota 2001-2003. In de nota is veel aandacht voor een betere handhaving van de bestaande wetgeving: er komen tientallen extra inspecteurs die o.a. worden ingezet om betere naleving van de wettelijke leeftijdsgrenzen voor alcoholverkoop te bevorderen. Tijdens de behandeling van de nota worden bovendien drie moties aangenomen over alcoholmarketing (27 565, motie 7, 8 en 16). De Kamer vindt dat het alcoholprobleem harder moet worden aangepakt. Zij wil o.a. het reclamebeleid fors aanscherpen.

De aangenomen moties over alcoholmarketing uit 2001:

  • verbod happy hours (motie PvdA, Groen Links, SP, D66, SGP en Christen Unie)
  • verbod alcoholmarketing gericht op jongeren (motie PvdA, Groen Links, SP, D66, SGP en Christen Unie)
  • wettelijk verbod op stuntaanbiedingen en dumpprijzen (Groen Links, SP, SGP en Christen Unie)

De minister belooft de Kamer dat er een (wettelijk) Reclamebesluit gaat komen. In de loop van 2001 doet de alcoholbranche haar best om de promotie van alcohol in de horeca beter te reguleren. Door betere naleving van de afgesproken regels hoopt de branche wettelijke regelgeving zoals het Reclamebesluit te voorkomen.

Alcoholnota 2001-2003 (27565 nr.2)Alcoholnota 2001-2003 (27565 nr.2) (197 kB)

Voorontwerp Reclamebesluit

Op 21 december 2001 schrijft Borst aan de Kamer uitvoerig over de evaluatie van de zelfregulering (zie Kamerstuk 27 565 nr. 21). Ze stoort zich aan:

  • het feit dat de huidige Code alcoholreclame die voor jongeren aantrekkelijk is niet kan tegenhouden;
  • veel voor jongeren aantrekkelijke reclame op internet;
  • happy hours en horecapromoties.

Ook constateert de minister dat de zelfstandige slijters de uitgangspunten van de Code niet onderschrijven. In haar eindconclusie in een brief aan de Tweede Kamer schrijft minister Borst het volgende over het functioneren van de zelfregulering:

"het ontbreken van regels die specifiek zijn toegesneden op de moderne reclame- en marketingpraktijk, de vaagheid van de wel opgenomen regels, het onvoldoende naleven van de geest van de codes, de beperkte werkingssfeer en een niet-adequaat toezicht- en sanctieregime {vormen een probleem, red.}. De conclusie is dan ook dat het instrument van zelfregulering onvoldoende zwaar is, niet ver genoeg reikt en derhalve een onvoldoende bijdrage aan het alcoholpreventiebeleid levert, in het bijzonder aan een krachtig preventiebeleid richting jongeren".

Borst schrijft een concept-Reclamebesluit met als doel alle reclame die minderjarigen bereikt wettelijk te verbieden. Door de val van het Paarse kabinet is dit ontwerp-Reclamebesluit niet meer afgerond en dus ook niet aan de Ministerraad voorgelegd.

Brief minister Borst over functioneren zelfregulering_2001Brief minister Borst over functioneren zelfregulering_2001 (41,8 kB)

Voorstel voor stopzetten prijsstunten met alcohol

In een van de volgende regeerperiodes geeft staatssecretaris Ross-van Dorp (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) in reactie op kamervragen van Van der Vlies (SGP) op 13 januari 2003 aan dat zij concludeert dat op het punt van het voorkómen van stuntaanbiedingen en dumpprijzen de zelfregulering niet goed werkt (nr. 597, ingezonden 10 december 2002). Zij geeft aan het kabinet te zullen voorstellen om in een volgende wijziging van de Drank- en Horecawet een verbod tot “verkoop beneden de kostprijs” op te nemen.

Uit de jaarlijkse onderzoeken van STAP komt naar voren dat het prijsstunten met bier door supermarkten structureel van aard is waarbij de kortingen uiteen lopen van 10-50% (zie hier het meest recente supermarktonderzoek uit 2007).

Kamervragen Van Der Vlies over stunten met bierprijzen_2002Kamervragen Van Der Vlies over stunten met bierprijzen_2002 (15,6 kB)

Rapport STAP: Supermarktonderzoek naar bier en zoete dranken in 2007Rapport STAP: Supermarktonderzoek naar bier en zoete dranken in 2007 (5,02 MB)

Voorstel voor staken alcoholmarketing richting minderjarigen, maar nog geen Reclamebesluit

Hoogervorst geeft naar aanleiding van kamervragen (8 juli 2003) aan dat overleg met de alcoholbranche moet leiden tot:

”nieuwe, concrete, eenvoudig te interpreteren, niet vrijblijvende afspraken, gericht op bescherming van jongeren. Lukt dat niet dan zal ik een Reclamebesluit op grond van de Drank- en Horecawet voordragen. Bij het opstellen van een dergelijk besluit zal ik gebruik maken van het vorig jaar door mijn ambtenaren opgestelde concept-Reclamebesluit."

Daarna heeft Hoogervorst herhaaldelijk laten weten dat hij wil dat alcoholmarketing richting minderjarigen wordt gestaakt, los van de vraag via welk medium deze alcoholreclame, –promotie en – sponsoring plaatsvindt. Anders zal hij wettelijke maatregelen nemen. Hoogervorst doet een voorstel voor wettelijke tijdsgrenzen (geen alcoholreclame op tv tussen 6.00 - 21.00 uur) in zijn beleidsbrief ‘Alcohol en jongeren’. Na overleg met de alcoholbrancheorganisatie STIVA (Stichting Verantwoord Alcoholgebruik) trekt hij dit voorstel zelf in. De STIVA zegt toe de zelfreguleringscode aan te scherpen.

“Aangescherpte” Code van STIVA in 2005

Ondanks negatieve evaluaties van de werking van de zelfregulering van alcoholmarketing op verscheidene punten en ondanks de concrete voorstellen van Hoogervorst in de beleidsbrief ‘Alcohol en jongeren’ komt er in 2005 geen Reclamebesluit. In ruil hiervoor komt STIVA dus met een volgens hen ‘aangescherpte’ Reclamecode (waarin geen tijdsgrenzen zijn opgenomen, dus geen beperking van de hoeveelheid alcoholreclame op radio en tv). Er moet vanaf dat moment een slogan gevoerd worden bij alcoholreclames die overdag en vroeg op de avond worden uitgezonden. Deze slogan zou jongeren onder de 16 moeten ontmoedigen alcoholhoudende drank te drinken.

Letterlijke interpretatie van de Code

Artikel 17 uit de algemeen Nederlandse Reclame Code schrijft voor dat alle reclameregels ook ‘naar de geest’ moeten worden nageleefd en niet slechts naar de letter. We zien echter dat bepaalde klachten structureel door de Reclame Code Commissie worden afgewezen op basis van een puur letterlijke interpretatie. De Code schrijft in artikel 8 bijvoorbeeld voor dat er geen suggestie mag worden gemaakt dat ‘het drinken van alcohol bijdraagt aan sociaal/seksueel succes’. Echter, zo lang de reclamemakers geen ‘letterlijke consumptie’ laten zien, wordt volgens ‘vaste rechtspraak’ van de Commissie artikel 8 niet overtreden. De associatie tussen alcohol en sociaal/seksueel/sportief succes kan dus nog steeds veelvuldig worden gemaakt zonder dat de eigen regels worden overtreden.

Veranderingen in de Code door de tijd

Onderstaand rapport van STAP uit 2007 geeft een analyse van de zelfregulering en de aanpassingen in de Code over de jaren heen weer:

STAP rapport: Zelfregulering beschermt jongeren niet tegen invloed alcoholreclame_2006STAP rapport: Zelfregulering beschermt jongeren niet tegen invloed alcoholreclame_2006 (220 kB)

Happy hours en andere prijsacties in de Nederlandse horeca

Eind 2006 voert de Universiteit Twente, in opdracht van STAP, een onderzoek uit naar de prevalentie van happy hours en andere prijsacties in de Nederlandse horeca. Het onderzoek wordt uitgevoerd onder ruim 200 cafés in vijf studentensteden verspreid over Nederland. Het blijkt dat ongeveer 1 op de 3 cafés met kortingen op drank adverteert. Een persbericht over dit onderzoek op 22 maart 2007 doet veel stof opwaaien en zet het onderwerp ‘happy hours’ opnieuw op de politieke agenda.

Persbericht STAP: Prijsacties in de Nederlandse horeca_22 maart 2007Persbericht STAP: Prijsacties in de Nederlandse horeca_22 maart 2007 (165 kB)

Factsheet Prijsacties in de Nederlandse horecaFactsheet Prijsacties in de Nederlandse horeca (476 kB)

Resultaten ELSA onderzoek aangeboden aan minister Rouvoet

Eind 2007 brengt STAP de onderzoeksresultaten van het grootschalige Europese ELSA onderzoek naar buiten. Het ELSA project (Enforcement of national Laws and Self-regulation on Advertising and marketing of Alcohol) betrof een tweejarig onderzoek (2005-2007) naar reguleringen voor alcoholmarketing in EU lidstaten. Het onderzoek werd uitgevoerd in 24 landen, gecoördineerd door STAP, en werd mede gefinancierd door de Europese Commissie. Eén onderdeel van ELSA betrof literatuuronderzoek naar de impact van alcoholmarketing op het drinkgedrag van jongeren.

De hoofdconclusie van het rapport ‘The impact of Alcohol Advertising’ is dat alcoholreclame samenhangt met een positieve attitude van jongeren t.o.v. alcohol en bijdraagt aan een verhoogde alcoholconsumptie. In december 2007 biedt de directeur van STAP, ir. W. E. van Dalen, het rapport bij de lancering van de nieuwe voorlichtingsspot van het Trimbos-Instituut aan aan minister Rouvoet.

Hoofdlijnenbrief Alcoholbeleid eind 2007

In het Coalitieakkoord van 7 februari 2007 van Balkende IV spreken de coalitiepartijen CDA, PvdA en CU af dat er een wettelijke alcoholreclamebeperking op radio en tv tot 21.00 uur zal worden uitgewerkt.

Op 20 november 2007 brengen de ministers Klink (VWS), Rouvoet (Jeugd & Gezin) en Ter Horst (Binnenlandse Zaken) de 20 pagina’s tellende Hoofdlijnenbrief Alcoholbeleid uit waarin de initiatieven op het alcoholdossier worden uitgewerkt (Kamerstuk 27 565, nr. 35).

In de Hoofdlijnenbrief wordt een integraal pakket aan maatregelen voorgesteld waarmee het kabinet met name de toenemende alcoholproblematiek onder jongeren in Nederland de komende jaren wil aanpakken.

Een aantal maatregelen die door de ministers worden voorgesteld zijn:

  • accijnsverhoging op bier (met 65 eurocent per kratje van 24 flesjes); deze verhoging is ingegaan op 1 januari 2009
  • strafbaarstelling van jongeren onder de 16 die in het bezit zijn van alcohol (in de openbare ruimte);
  • mogelijkheid voor gemeenten om happy hours in de horeca en andere prijsacties in het retailkanaal aan banden te leggen;
  • aanscherping van de handhaving van de leeftijdsgrenzen voor de verkoop van alcoholhoudende drank (doorgeschoven naar de gemeenten);
  • gemeenten mogen met de leeftijdsgrens van 18 jaar gaan werken;
  • gemeenten krijgen de mogelijkheid toegangsleeftijd te koppelen aan sluitingstijd van de horeca;
  • een alcoholreclamebeperking op radio en tv tussen 6.00-21.00 uur.

Hoofdlijnenbrief Alcoholbeleid_20 november 2007Hoofdlijnenbrief Alcoholbeleid_20 november 2007 (70,1 kB)

Algemeen Overleg: Kamer en kabinet verdeeld

Tijdens het Algemeen Overleg over Alcoholbeleid op 18 december 2007 geven de leden van de Tweede Kamer fracties hun visie op de Hoofdlijnenbrief Alcoholbeleid (Kamerstuk 27 565, nr. 57). Het wordt duidelijk dat de Kamer en het kabinet niet geheel op een lijn liggen: de ministers Klink, Rouvoet en Ter Horst willen de gemeenten veel mogelijkheden bieden om lokaal alcoholbeleid vorm te geven, terwijl de Kamer juist benadrukt dat de landelijke overheid het voortouw moet nemen.

Verslag Algemeen Overleg op 18 december 2007Verslag Algemeen Overleg op 18 december 2007 (61,5 kB)

Motie over ‘alcoholpromoties specifiek gericht op minderjarigen’

Op 20 december 2007 vindt een Voortgezet Algemeen Overleg over Alcoholbeleid plaats. Er worden in totaal maar liefst 22 moties ingediend. Hiervan worden er 9 aangenomen. Een van deze aangenomen moties is van de leden Leijten (SP) en Voordewind (CU) en heeft betrekking op het “beperken van alcoholpromoties gericht op jongeren” (Kamerstuk 27 565, nr. 40). In deze motie wordt bioscoopreclame specifiek genoemd. Minister Klink geeft in een brief aan de Kamer aan dat een interdepartementale werkgroep de juridische mogelijkheden zal onderzoeken van het beperken van alcoholpromoties die specifiek gericht zijn op minderjarigen (Kamerstuk 27 565, nr. 59). Begin 2009 zullen we hier meer over horen.

Motie Leijten_Voordewind over beperken alcoholpromotie gericht op jongerenMotie Leijten_Voordewind over beperken alcoholpromotie gericht op jongeren (11,9 kB)

Nieuwe Reclame Code voor Alcoholhoudende dranken in 2008

Na het bekend worden van het voornemen de alcoholreclame op radio en tv te beperken en de opgelaaide discussie over alcoholpromotie in de bioscoop, brengt STIVA op 1 juli 2008 opnieuw een aangepaste Reclame Code voor alcoholhoudende dranken uit. Er is ook een speciale website voor geopend: www.alcoholcode.nl. Het lijkt erop alsof de alcoholbranche met het opstellen van een nieuwe Code opnieuw probeert om wetgeving te voorkomen. Er is een apart artikel over bioscoopreclame aan toegevoegd (in feite een uitbreiding op een reeds bestaand artikel) en de definitie van sociaal/seksueel succes wordt aangescherpt (dit lijkt mede een reactie te zijn op de vele klachten die in voorgaande jaren door STAP over dit thema zijn ingediend, zie rapporten “Alcoholreclame Aangeklaagd” en “Klachten over alcoholreclame in 2007” ). De slogan “Alcohol onder de 16, nog even niet” wordt vervangen door “Alcohol onder de 16, natuurlijk niet”.

Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken_juli 2008 (versie 3)Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken_juli 2008 (versie 3) (0,98 MB)

STAP Rapport: Alcoholreclame AangeklaagdSTAP Rapport: Alcoholreclame Aangeklaagd (806 kB)

STAP Rapport: Klachten over alcoholreclame in 2007STAP Rapport: Klachten over alcoholreclame in 2007 (5,34 MB)

Beperkingen nieuwe Code

Wat STIVA in de nieuwe Code niet expliciet vermeldt is dat bepaalde beperkingen die voor het internet golden zijn opgeheven (bv. chatboxen op websites van alcoholproducenten zijn nu wèl toegestaan). Ook worden geen extra regels toegevoegd over het oncontroleerbare buzzmarketing (‘mond-tot-mond reclame’, op initiatief van een alcoholproducent) terwijl minister Klink hierover eerder dit jaar wel zijn bezorgdheid heeft uitgesproken n.a.v. kamervragen van het lid Leijten (nr. 1860, ingezonden 25 februari 2008). Op deze manier wil de alcoholindustrie bereiken dat de nieuwere vormen van alcoholreclame en –marketing niet door regelgeving worden beperkt. Deze nieuwe marketingvormen zijn vaak gepersonaliseerd en minder controleerbaar (wat betreft het bereik).

Rapport: “Alcoholreclame in Nederland: zelf regelen of laten regelen?”

Onderstaand rapport “Alcoholreclame in Nederland: zelf regelen of laten regelen?“ van STAP beschrijft de zwaktes van zelfregulering (op grond van inhoud, volume en het systeem van zelfregulering) en het geeft aanbevelingen voor een goed alcoholreclame beleid in Nederland. Het rapport is aan de Tweede Kamer aangeboden, samen met het zogenaamde Trend Rapport 2007 waarin de laatste trends en innovaties op het gebied van alcoholreclame en –marketing staan weergegeven:

STAP Rapport: Alcoholreclame in Nederland, Zelf regelen of laten regelen?STAP Rapport: Alcoholreclame in Nederland, Zelf regelen of laten regelen? (454 kB)

STAP Rapport: Trend Rapport 2007STAP Rapport: Trend Rapport 2007 (6,78 MB)

Tweede Kamer akkoord met alcoholreclamebeperking op radio + tv

Ondanks de lobby activiteiten van STIVA en de introductie van een nieuwe Code stemt de Tweede Kamer, eveneens begin juli 2008, toch vóór de alcoholreclamebeperking op radio en tv tussen 6.00 – 21.00 uur. De alcoholreclamebeperking wordt opgenomen in het voorstel tot een nieuwe Mediawet en wordt hiermee niet onder artikel 2 van de Drank- en Horecawet geplaatst. De nieuwe Mediawet valt onder bevoegdheid van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Naast minister Klink zal ook minister Plasterk zich nu met het thema ‘alcoholreclame’ bezig houden.

Ministerie VWS: Expertconsultatie Alcoholreclame

Omdat nog niet alle partijen (ministerie VWS, bedrijfsleven) het eens zijn over de effecten van alcoholreclame op het drinkgedrag van jongeren geeft het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport halverwege 2008 de opdracht aan onderzoeksbureau ConQuaestor om een eindrapport te schrijven over het onderzoek ‘Expertconsultatie Alcoholreclame’. Tot op heden ontkent de alcoholindustrie dat blootstelling aan alcoholreclame bijdraagt aan een verhoogde alcoholconsumptie bij jongeren. Volgens hen draagt alcoholreclame enkel bij aan de ontwikkeling van merkvoorkeur.

Voor de Expertconsultatie zijn 10 studies aangedragen die alle betrekking hebben op de invloed van alcoholreclame op jongeren. Vijf studies zijn aangeleverd door het ministerie van VWS en vijf studies door STIVA (Stichting Verantwoord Alcoholgebruik, het orgaan waarin de alcoholindustrie verenigd is).

De tien studies zijn beoordeeld door 6 wetenschappers:

  • twee wetenschappers aangedragen door het ministerie van VWS
  • twee wetenschappers aangedragen door STIVA
  • twee wetenschappers aangedragen door ConQuaestor

Rapport ConQuaestor: Expertconsultatie AlcoholreclameRapport ConQuaestor: Expertconsultatie Alcoholreclame (933 kB)

Conclusie minister Klink over effect alcoholreclame

Op basis van de reacties en conclusies van de 6 reviewers over de studies trekt minister Klink in een brief aan de Kamer (Kamerstuk 27 565, nr. 77) op 30 oktober de (terechte) conclusie dat het:

“Aannemelijk is dat er een positief, mogelijk direct causaal verband bestaat tussen blootstelling/uitgaven aan drankreclames en onmiddellijk dan wel later drankgebruik door jongeren”.

En verder schrijft Klink: “Met de uit het regeerakkoord voortvloeiende beperking van het aantal alcoholreclames dat jongeren ziet, zoals opgenomen in het wetsvoorstel Mediawet 20.. (31 356), voorziet het kabinet reeds in een beleidsactie op de bevindingen”.

Behandeling Mediawet Eerste Kamer

Op 23 december 2008 is door de Eerste Kamer gestemd over de nieuwe Mediawet. De Eerste Kamer is akkoord gegaan met de nieuwe wet, inclusief de alcoholreclamebeperking. De nieuwe Mediawet is op 1 januari 2009 van kracht geworden. Omdat er een overgangsbepaling in de Mediawet is opgenomen (gedurende 1 jaar mag eerder ingekochte alcoholreclame ook vóór 21.00 uur uitgezonden worden) betekent dit dat er op 1 januari 2010 van 6.00 tot 21.00 uur geen enkele alcoholreclameboodschap meer zal zijn te horen of zien op radio resp. tv. Dit is een historisch moment voor het alcoholreclamebeleid in Nederland. Voor het eerst zal in Nederland alcoholreclame via radio en tv door wetgeving worden beperkt.

Nieuwe Mediawet_29 december 2008Nieuwe Mediawet_29 december 2008 (156 kB)

Alcoholpromotie nog wèl toegestaan op tv

In de praktijk houdt de alcoholreclamebeperking in de Mediawet 2008 in dat er geen commercials meer mogen worden getoond binnen het "tijdslot" van 6 uur 's morgens tot 9 uur 's avonds. Echter, sponsoring van programma’s vóór 21.00 uur is nog wél toegestaan. Een televisieprogramma mag vóór 21.00 uur nog wel zichtbaar gesponsord worden door een alcoholproducent. De sponsorvermelding moet echter "neutraal" zijn, dus bijvoorbeeld “dit programma werd mede mogelijk gemaakt door Heineken”.

Evaluatie van de Mediawet 2008

Uit een evaluatie-onderzoek van het Nederlands Instituut voor Alcoholbeleid (STAP) is gebleken dat het “tijdslot” voor de alcoholreclame uit de Mediawet 2008 bij 12-17 jarigen geen effect heeft gehad. De reden is dat de alcoholproducenten na invoering van het “tijdslot” het aantal tv-reclameboodschappen na 9 uur ’s avonds hebben verdrievoudigd.

Evaluatie van de alcoholreclamebeperking rapportEvaluatie van de alcoholreclamebeperking rapport (2,76 MB)

Inhoud van alcoholreclame op tv in Nederland (nog) niet wettelijk geregeld

Er bestaat één wettelijke Europese richtlijn die de inhoud van alcoholreclame op televisie beperkingen oplegt (de Audiovisuele Mediadiensten Richtlijn 2007/65/EC, vroeger de richtlijn 'Televisie zonder Grenzen'’). Artikel 15 uit deze richtlijn is in nagenoeg alle Europese lidstaten in nationale wetgeving geïmplementeerd. In Nederland is artikel 15 uit de AVMD geïmplementeerd in zelfregulering. Een reactie van minister Plasterk op een brief van STAP wees uit dat het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen ook niet van plan is artikel 15 uit de Europese richtlijn in de Mediawet op te nemen. Vooralsnog zal in Nederland dus het volume van alcoholreclame op tv deels beperkt zijn via wetgeving en de inhoud via zelfregulering.

Wijziging Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken per 1 januari 2012

De Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken bevat vanaf 1 januari 2012 een regeling voor digitale marketing en social media, waarin extra voorwaarden staan waaraan reclame-uitingen in de vorm van digitale marketing aan moeten voldoen. Zo is het niet toegestaan dat content wordt ontvangen door personen die jonger zijn dan 18 jaar. In de nieuwe Code worden de eisen voor de verschillende vormen van digitale marketing nader uitgewerkt.
Voorts is het in de nieuwe Code niet toegestaan om sportberoemdheden op te laten treden die nog actief sport op topniveau uitoefenen. Verder is het ook niet toegestaan om actieve sportbeoefening op verpakkingen van alcoholhoudende drank af te beelden.


De nieuwste versie van de Code kunt u hier downloaden.