12 januari 2009
Registratie 'alcohol-agressie' zit nog niet tussen de oren van de politie
Als brigadier Koos Antonis (56) de menigte ziet samendrommen in het uitgaansgebied van Eindhoven heeft hij aan een minuut genoeg om de sfeer te proeven. "Soms zie je groepen waarvan je meteen door hebt dat ze niet goed samen gaan. Of ze hebben al een keer eerder ruzie gehad en komen elkaar weer tegen. Dan is de sfeer meteen opgefokt", aldus de agent van de Eindhovense politie.
Vaak blijft het de eerste uren nog rustig. Maar tegen half drie, 'als er genoeg alcohol in zit', barst de bom. "Dan hoeft er maar íets te gebeuren en ze vliegen elkaar naar de strot", zegt Antonis. "Sommige mensen hebben gewoon een kwade dronk. Zijn ze nuchter dan is er niks aan de hand, hebben ze een paar pilsjes op, dan is er geen land mee te bezeilen. Het ergste is als ze elkaar met een glas gaan bewerken. Dan ben je voor het leven verminkt."
Alcohol en geweld: ze gaan vaak hand in hand. Dat er een relatie is tussen de twee lijkt een open deur. Toch liet minister Hirsch Ballin (Justitie) in de zomer van 2007 in de politieregio IJsselland en in de gemeenten Schouwen-Duiveland, Renkum en Wageningen een proef uitvoeren om vast te stellen hoe vaak er bij vechtpartijen, mishandelingen en vandalisme alcohol of drugs in het spel zijn. De resultaten zijn weinig verrassend: in 28 procent van de geweldsdelicten bleek de dader te veel drank op te hebben. Een relatie met drugs bleek er niet te zijn: 'slechts' 3 procent van de geweldplegers was onder invloed van verdovende middelen. Voor minister Hirsch Ballin zijn de resultaten aanleiding om vanaf volgend jaar bij alle geweldsdelicten standaard te laten registreren of de dader alcoholische dranken heeft gebruikt. De rechter kan daar vervolgens rekening mee houden bij het opleggen van een straf. Die hoeft niet per se zwaarder uit te vallen. Wel kan een rechter iemand verplichten deel te nemen aan een cursus om zijn agressie of alcoholgebruik te beheersen.
Om die registratie van de grond te krijgen moet nog heel wat werk worden verzet, zegt Monique Bruinsma van het IVA, een onderzoeksinstituut gelieerd aan de Universiteit van Tilburg dat de proef begeleidde. Uit de pilot in de drie regio's bleek namelijk dat politieagenten vaak vergaten een alcohol- of drugstest aan te bieden. Bij maar 78 van de ruim 2.200 verdachten werd zo'n test afgenomen. Daarom keken de onderzoekers ook naar de verklaringen van verdachten zelf: gaven ze toe alcohol of drugs te hebben gebruikt of niet? Bruinsma is teleurgesteld. "Een representatief onderzoek is het niet geworden. Jammer, want we hebben nu amper meer zicht op de omvang van het probleem dan voor aanvang van het onderzoek. Wil de minister landelijke registratie laten slagen, dan moet het echt tussen de oren van de agenten gaan zitten. Het moet een standaardvraag worden tijdens ieder verhoor of iemand gedronken heeft."
Psychiater Rob Brouwers, die in verscheidene ggz-instellingen werkte, onderschrijft het belang van een goede registratie. Wel plaatst hij vraagtekens bij het effect van alcohol- en antiagressiecursussen. " Vaak krijgen geweldplegers een anti-agressiecursus opgelegd. Die helpt nog wel in nuchtere toestand, maar wat als ze weer alcohol gaan drinken? Dan zijn ze die hele cursusstof weer snel vergeten."
Daar komt bij dat de dader moet erkennen dat er een probleem is, zegt psychotherapeut Philip Kroonenberg. "Wij kunnen alles uit de kast trekken, maar als iemand zelf niet inziet dat hij iets anders moet doen, verandert er niks." Kroonenberg krijgt jaarlijks bij De Waag, een centrum voor ambulante forensische psychiatrie, zo'n 160 nieuwe huiselijk-geweldzaken onder ogen. In 40 tot 50 procent heeft de echtgenoot gedronken. "Alcohol zet het geweten op een laag pitje. Vaak komt dan het duiveltje naar buiten", aldus Kroonenberg. "Zeker wanneer de vrouw iets opmerkt over het drankgebruik van haar partner. De fles is vaak de grote vriend, waar niemand aan mag komen." Voor sommigen, die weten dat ze agressief worden van alcohol, zijn meer rigoureuze maatregelen nodig, meent Brouwers. "Voor hen helpt alleen een alcoholverbod."
Bron: BN de Stem.